Zonder vrijheid geen liefde en zonder liefde geen vrijheid

Het gezonde midden tussen betrokkenheid en afstand houden

Nu met de coronacrisis houden we voor de veiligheid anderhalve meter afstand ten opzichte van anderen. We tonen met het kiezen van de juiste...

Posts weergeven met het label oordeel. Alle posts weergeven
Posts weergeven met het label oordeel. Alle posts weergeven

2 maart 2016

Kun je op het oordeel van een ander afgaan?

Ernst-Jan Pfauth schrijft voor De Correspondent.
Een citaat:
Want de beste voorspellende factor of je ergens van gaat genieten, is de mate waarin grote groepen dat vóór jou gedaan hebben.
Zo halen de onderzoekers een experiment aan waarbij vrouwen voor een speeddate-evenement twee type bronnen informatie hadden:
1. een foto en autobiografie van de mannen;
2. het cijfer dat andere vrouwen eerder aan de man hadden gegeven.
De groep die het cijfer als informatiebron had, voorspelde vooraf 50 procent nauwkeuriger welke vent ze leuk zouden vinden.
Dus je kunt op IMDb wel eindeloos details over een film doornemen, maar erop vertrouwen dat een film met een hoog cijfer jou ook kan bekoren, is slimmer.
En als je denkt dat het niet zo is, dat dachten de vrouwen van het date-experiment ook. De meerderheid verwachtte dat ze op basis van de foto en bio beter konden voorspellen. Niet dus.
Tot zover Pfauth.

Het is de vraag of de conclusie van Pfauth klopt. Want wie afgaat op het cijfer dat iets of iemand heeft gekregen van anderen kijkt ook met die ogen. De valkuil is de selffulfilling prophecy. Je ziet wat je verwacht te zien.
Consumentbeoordelingen zijn alleen nuttig wanneer ze betrouwbaar zijn geschreven en die wordt verhoogd wanneer er een belang is voor de beoordelaar. Bijvoorbeeld wanneer zijn reputatie zelf afhangt van een correcte voorspelling. Het wachten is een app waarin dit wordt verwerkt. Maar de vraag of dat weer betrouwbaar wordt geconstrueerd blijft. Leer zelf denken en blijf dat (be)oefenen.

17 september 2015

Oorsprong, vrijheid en gelatenheid

Het boek Oorsprong & vrijheid door Gerard Visser verscheen in de essay-reeks 'Oratio' bij gelegenheid van zijn afscheid bij de Universiteit van Leiden waar hij dertig jaar cultuurfilosofie gaf.

Dr Taede A. Smedes schreef op Bol.com een recensie.
Citaten: “Het onderwerp draait om de spanning die we vandaag de dag zien tussen 'vrijheid' of 'vrije wil' en 'noodzaak' (of determinisme). De neurowetenschappen spelen die twee begrippen tegen elkaar uit.”
Visser wil betogen dat vrijheid samengaat met innerlijke noodzaak en beter als 'speelruimte' opgevat kan worden. Een wezen is vrij wanneer het in zijn element is. Gesteld dat vrijheid zo elementair is als de lucht die we ademen, kan het wezen van vrijheid dan in het vrije worden gezocht? Dit vrije spreidt zich voor ons uit in het heden, maar het stijgt ook op uit onszelf, uit een leegte in de grond van de ziel die aan denken en willen voorafgaat. Het vrije van de ziel is gelegen in een ontvankelijkheid, die onafhankelijk is binnen haar eenheid met de oorsprong, die haar, met Meister Eckhart gesproken, innerlijk verwijdt en omvangt.
In zijn wijsgerig onderzoek werkt Visser aan een trilogie over het thema 'gelatenheid', waarvan een eerste deel, Gelatenheid. Gemoed en hart bij Meister Eckhart, is verschenen.
Smedes besluit zijn recensie met “Originele filosofie van bijzonder hoog niveau en met een hoog literair gehalte, vol prachtige maar ook abstracte zinnen. Een aanrader, maar ofschoon het een dun boekje is, is het tevens erg moeilijk en alleen toegankelijk voor degene die de analyse van Visser van begin tot eind wil volgen.”

Ook Herman Oevermans, directeur van Academie Mens en Organisatie aan de Christelijke Hogeschool Ede, schreef een recensie voor het blad Wapenveld onder de titel Om het open midden.

Daaruit deze citaten:
Wat is voor Visser de kostbaarste gebeurtenis van het leven? De transformatie van zelfzuchtige in onbaatzuchtige liefde, van amor in caritas.
….
Visser heeft een fascinerende tocht afgelegd de afgelopen dertig jaar. In het Nederlandse taalgebied vrijwel alleen. Zijn programma nog eenmaal samenvattend in zijn eigen –recente– woorden: ‘Staat eenmaal niet meer het bewustzijn centraal, met zijn voorstellingen, maar het geheel van het historische leven, dan dient zich als belangenbehartiger van het leven de beleving aan, ofwel de onmiddellijke levende ervaring, die geen abstractie duldt, die elk begrip, tot en met dat van de beleving zelf tegen het licht houdt. Dat vraagt om een radicale fenomenologie van het leven.’ Die fenomenologie van het leven vindt plaats in een tijdperk dat steeds instrumenteler trekken krijgt.
De leegte die daarvan het gevolg is manifesteert zich eveneens. Visser beschouwt zijn denken als een voorbereiding van een toekomstige spiritualiteit die belangrijke voorwaarden kent als de ‘rehabilitatie van sensibiliteit en individualiteit en als hoofdvoorwaarde, een geloofswaarheid die niets en niemand demoniseert ‘
Filosofie moet niet vervallen tot wetenschapsfilosofie, maar haar geheel eigen taak op zich nemen ‘en die begrijpen als bezinning op de zin van de ondoorgrondelijkheid in het hart van het zijn’. Al komt de innigste positie toe aan de religie, nog altijd, ‘maar dan een religie die het open midden niet met autoritaire en dogmatische stellingen bezet, maar met haar onaanzienlijkheid en stilte openhoudt, opdat het zich als de bron van liefde kan openbaren die het altijd is’.

Eerder schreef Oevermans in het artikel over ‘gelatenheid’:
‘Heidegger mag dan de beleving als product zien van de geest van maakbaarheid die in onze technische wereld heerst, bij de filosofen en kunstenaars die haar als eerste tot maatstaf namen, staat de beleving niet in het teken van een opeisen, veeleer in het teken van een intact laten van het leven.’ En juist voor dit intact laten en de dimensies die daarin te beluisteren zijn, blijkt gelatenheid een grondwoord. ‘Gelatenheid houdt bij Eckhart het ritme van een drievoudige beweging in: het loslaten van alle intenties, van het zelf willen bewerkstelligen, en het je overlaten aan een bezield verband, dat van zich uit de dingen laat zijn, dat wil zeggen opneemt in de stroom van de zelfmededeling Gods.’
Tot zover de recensies.

In een recensie in Trouw kreeg Visser 5 sterren, de hoogste aanbeveling die een boek kan krijgen.
Maar na lezing van het boekje wil ik de oratie niet echt aanbevelen. Het is, zoals Smedes tussen de regels schrijft, gewoon te abstract.
Zo moeilijk hoeft het toch niet te worden beschreven dat aan een ander wat ruimte laten een basis schept voor constructief samenleven? Dat wijsheid een kwestie is van inzicht wanneer te doen (handelen) en wanneer te laten (niet-handelen)? Dat denken, voelen en intuïtie evenwaardig zijn en elkaar aanvullen? Dat we moeten oppassen om over elkaar te oordelen en dat de waarheid in het midden ligt?
Dat het ongrijpbare van vrijheid in deze aspecten begrijpelijk wordt?



Voor wie op dit blog meer wil lezen over de relatie tussen vrijheid en liefde en over de balans tussen doen en laten klik hieronder op de labels.

30 augustus 2015

Het nut van leven in het hier en nu en non-dualiteit

Wie geïnteresseerd is in spiritualiteit om er beter van te worden of om betere prestaties neer te zetten loopt snel vast. Spiritualiteit, non-dualiteit en leven in het Hier en Nu hebben meer te maken met het serieus nemen van de balans tussen doen en laten dan met het verleggen van grenzen.
Wie bijvoorbeeld mediteert om betere werkprestaties te kunnen leveren slaagt daar alleen in wanneer hij weet dat de meditatie bijdraagt aan het herstellen van de balans tussen rust en inspanning. Wie alsmaar grotere inspanning wil leveren zal ooit van een koude kermis thuis komen. Het elastiek wordt zo ver opgerekt dat definitief de rek eruit zal zijn.
Wie geen ervaring heeft met het paradoxale denken over verbinding via non-dualiteit zal al snel de indruk kunnen krijgen dat een en ander zweverig is. Meer tekst en een langere uitleg werken dan contraproductief. Vandaar deze korte column en een doorverwijzing via de links en labels onderaan.

Een vorm van paradoxaal denken is bijvoorbeeld oefenen in loslaten om beter verbinding te kunnen maken of het accepteren van het negatieve om te kunnen werken met het positieve. Zo is het ook met het woord "non-dualiteit". Via wat het niet is ("non-") wordt aangeduid wat het wel is.

Pia de Blok schrijft over non-dualiteit:

In een goed gesprek ervaren we non-dualiteit. Er is dan ‘iets‘ gemeenschappelijks, noem het ‘leven’ of ‘bron’. Het is een herkenning van iets dat we allebei kennen. Maar we zien óók dat er verschillen tussen ons bestaan. We verschillen van uiterlijk, onze gedachten zijn verschillend, we leiden elk een heel ander leven, we hebben andere vrienden, andere ouders, we beleven onze school verschillend. Er is dus geen totale eenheid − wél een basale − maar het is ook niet zo, dat we totaal van elkaar verschillen. Eenheid en verscheidenheid gaan samen. Dat is non-dualiteit of a-dvaita (de Sanskriet benaming): afwezigheid van tweeheid. Dit wordt zo genoemd omdat er geen dualiteit meer is. Het gaat hier om het herkennen van de kern van jezelf, die ook de kern van de ander is. Die kern is vrijheid, vrede, geluk. Openheid. Daarin is geen lijden meer aanwezig. Er is respect en liefde voor de ander.

Non-dualiteit en ontspanning
Omdat gescheidenheid verdwijnt als we totaal ontspannen zijn, is non-dualiteit ervaren nauw verbonden met ontspanning. Als we werkelijk ontspannen zijn, ervaren we geen dualiteit, ook niet in onze relaties. Dan is er rust en vrede, wat ook doorwerkt op de mensen om je heen. Ontspanning is immers, net als spanning, besmettelijk. Iedereen kent oorspronkelijke ontspanning. We kennen allemaal deze momenten van rust − wanneer we in een warm bad glijden, wanneer we in het zonnetje zitten te genieten, vlak voor het inslapen. De zijnservaring van non-dualiteit is dus niet iets wat alleen is weggelegd voor een enkeling.
Tot zover Pia de Blok.

Leven in het Hier en Nu betekent niet dat je nooit meer terugkijkt op jouw ervaringen uit het verleden en dat je geen plannen meer maakt voor de toekomst. Leven in het Hier en Nu houdt in je bewust te zijn dat alleen de ervaring in het nu authentiek kan zijn en dat je aan verdieping daarvan kunt werken. Ervaringen geprojecteerd in het verleden en geanticipeerd op de toekomst leiden tot verhalen. Een verhaal is niet de waarheid. Het dient het gemak van het herinneren, maar heeft vertekening als nadeel.
Leven in het Hier en Nu en je verdiepen in de inzichten van non-dualiteit leiden ertoe dat je meer open en zonder oordeel staat in het contact met anderen, zodat jouw opvattingen kunnen veranderen en een verbinding zich kan verdiepen.

16 juli 2015

Een conflict ingerommeld

De aanslag op de Oostenrijkse kroonprins Franz Ferdinand op 28 juni 1914 in Sarajevo was de start van een reeks beslissingen die leidden tot de Eerste Wereldoorlog. Niemand had die dag kunnen bevroeden wat de gevolgen zouden zijn van die gebeurtenis. Wie kijkt naar de historische context vindt meer logica. Leiders van de grote mogendheden zochten al langer naar een aanleiding om hun ambities waar te maken. Propaganda maakte vervolgens de geesten rijp voor oorlog. Waarheid sneuvelt als eerste.

Wraak, eergevoel, superioriteitsgevoelens, vrijheidsstrijd, naïviteit. Het is een explosieve mix die op allerlei niveaus tot ontbranding kan komen, van individu tot natie tot werelddeel.

Mensen gaan ’s ochtends niets vermoedend naar hun werk en komen ’s avonds thuis als potentiële oorlogsmisdadiger. Een treffend voorbeeld was het verhaal van de buschauffeurs die de moslims wegvoerden uit Srebrenica. Voordat ze zich konden realiseren wat de gevolgen waren werden zij medeplichtig gemaakt. Zij werden gedwongen mee te doen aan de executies zodat zij zouden zwijgen.

Toen Ratko Mladić Tom Karremans, de commandant van Dutchbat, dwong tot een vernederend schijnoverleg voor de Servische camera moest hij knarsetandend de schemerlamp in ontvangst nemen en het borrelglas heffen. Voor lul gezet voor het oog van de wereld. De Fransen en de Amerikanen weigerden luchtsteun want ze hadden te veel landgenoten in gijzeling door de Serven waarvan ze vreesden dat zij gedood zouden worden als wraak. Dat die angst tot duizenden doden zou leiden als slachtoffer van de arrogantie van Mladić konden weinigen op dat moment vermoeden. De intentie van de Dutchbatters was om te beschermen; de loop van de geschiedenis bestempelden ze in de ogen van velen tot lafaards, die niet durfden te vechten.

In de Tweede Wereldoorlog kwamen veel Nederlanders terecht in het Jappenkamp, belaagd door de Japanners en daarna door de Indonesische vrijheidsstrijders. Die medelanders waren maar wat blij dat er tijdens de Bersiapperiode soldaten werden gestuurd om hen te beschermen. Maar die soldaten kwamen niet alleen om te beschermen maar ook om te heroveren. Het gevolg is dat het leed van de ex-gevangenen nauwelijks erkend werd omdat de schaamte over de poging tot rekolonisatie er tijdens de politionele acties ook is.
Wat begint als een zucht naar avontuur (‘wat is er toch over van de VOC mentaliteit’) kan door ideologie uit de hand lopen. Zie ook de dagboekaantekeningen van Nederlandse SS-ers.

Het lot van de Joden in de Tweede Wereldoorlog heeft ertoe bijgedragen dat de grote mogendheden in 1948 tot oprichting van de staat Israël hebben besloten. De Palestijnen werden in de jaren daarna stapje voor stapje na het voeren van oorlog teruggedrongen tot de Gazastrook. Zij zijn de voorlopige verliezers in de strijd wiens God de sterkste is.

Het neerstorten van vlucht MH-17, vermoedelijk bij vergissing neergehaald door Oekraïense rebellen, leidt tot grote spanningen tussen het Westen en het Sovjetblok. De Oekraïne is maar één voorbeeld van een land waarin bevolkingsgroepen leven die zich liever afscheiden. Wanneer dat niet via democratie goedschiks kan, dan maar kwaadschiks met geweld en terreur. Het motief kan politiek, economisch of religieus of anderszins zijn, maar is levensgevaarlijk wanneer het gevoed wordt door meerder- of minderwaardigheidsgevoelens.

Ontelbare onschuldige mensen zijn slachtoffer geworden van machtswellustelingen die zichzelf of hun volk verheven voelden boven anderen. Vanuit die verhevenheid oordeelden zij over leven en dood. Wie zichzelf op zo’n voetstuk plaatst roept automatisch de wens op om vernederd te worden. Het proces van actie en reactie duurt vervolgens zo lang dat alle partijen in de aanloop vrij kunnen zoeken naar een aanleiding tot wraak. De gewetensvraag of men zelf ook schuldig is kan daarmee worden gesust. Niemand weet meer hoe het is begonnen en wil het eigenlijk ook niet weten, want dat zou knagen aan het superioriteitsgevoel. Tegenstanders worden stap voor stap ontmenselijkt tot het logisch lijkt om hen als oud vuil te behandelen.

Evenwaardigheid wordt in theorie breed onderschreven, maar in de praktijk door weinigen beleden.

27 juni 2015

Liefde en ontrouw, is er een herkansing?

Eckhart Tolle zegt liefde is verbondenheid zonder oordeel.
Marcel Proust zei: "Onze verbeelding creëert de liefde, niet die andere persoon."

Ruimte geeft de vrijheid om liefde te laten gedijen. Zonder vrijheid geen liefde en zonder liefde geen vrijheid.

In onze tijden van “sequentiële monogamie” stelt Esther Perel:
Ik denk dat ontrouw ons vandaag de dag op drie nieuwe manieren pijn doet. We hebben een romantisch ideaal en zoeken één persoon die een eindeloze lijst behoeften moet vervullen: mijn grootste minnaar zijn, mijn beste vriend, de beste vader, mijn vertrouweling, mijn emotionele maatje, mijn intellectueel gelijke. En ik ben de uitverkorene, ik ben uniek, ik ben onmisbaar, ik ben onvervangbaar, ik ben het. En ontrouw vertelt me dat ik dat niet ben. Het is het ultieme verraad. Ontrouw verbrijzelt de grootse ambitie van de liefde. Maar was ontrouw door de eeuwen heen al pijnlijk, tegenwoordig is het vaak traumatisch, want het bedreigt ons zelfgevoel.

Iedere verhouding herdefinieert een relatie en ieder stel zal zelf bepalen wat het erfgoed van de affaire zal zijn. Verhoudingen zullen blijven bestaan, dat verandert niet. De dilemma's van liefde en verlangen leveren geen eenvoudige antwoorden op van wit en zwart en goed en kwaad, van daders en slachtoffers. Bedrog in een relatie komt in vele vormen voor. Er zijn veel manieren om je partner te bedriegen: met minachting, met verwaarlozing, met onverschilligheid, met geweld. Seksueel bedrog is maar één manier om je partner pijn te doen. In andere woorden, het slachtoffer van een verhouding is niet altijd het slachtoffer van een huwelijk.
….
Ik bekijk verhoudingen van twee kanten: pijn en bedrog aan een kant, groei en zelf-ontdekking aan de andere - wat het jou heeft gedaan en wat het voor mij heeft betekend. Dus wanneer een stel bij me komt nadat een verhouding aan het licht is gekomen, vertel ik ze vaak: Tegenwoordig hier in het Westen zullen de meeste mensen twee of drie relaties of huwelijken gaan hebben en sommigen zullen dat doen met dezelfde persoon. Jullie eerste huwelijk is over, willen jullie samen een tweede proberen?



Christopher Ryan op Ted.com plaatst met humor de huidige moraal en onrealistische verwachtingen in een historisch en globaal perspectief:

Meer van Esther Perel en "erotische intelligentie".

2 april 2015

Een uitweg bieden bij een dilemma tussen trauma en vergoeding

Wie zich onrechtvaardig behandeld voelt door een gebeurtenis wil graag horen dat het de ander spijt. Wanneer het betonen van spijt zonder financiële gevolgen kan blijven willen velen nog wel zeggen “het spijt me wat er is gebeurd”.
Maar wanneer de één de ander de eis stelt “ik wil erkenning dat mij iets onrechtvaardigs is overkomen en ik vind dat ik recht heb op schadevergoeding” verzandt het proces al snel in verzet en/of zwijgen wanneer de aansprakelijkheid niet vast ligt.
Een voorbeeld is de overheid die geconfronteerd wordt met de fouten die gemaakt zijn rond de Tweede Oorlog in de behandeling van mensen die gevangen zaten in Indonesië of omdat ze Jood zijn.
Ambtenaren en politici van nu zijn niet persoonlijk aansprakelijk voor de gevolgen van de besluiten die de overheid en de samenleving toentertijd maakten. Ze kunnen wel een rol spelen in de verwerking van de trauma’s die nog steeds actueel zijn. Maar wanneer ze de trauma’s erkennen is de kans groot dat zij ook een besluit moeten nemen over een schadevergoeding.
Iemand die met veel emotie onafgebroken praat over wat hem of haar is overkomen roept ook ongewild afstand en weerstand op. Blijkbaar vinden wij als luisteraars en getuigen het lastig om zowel betrokkenheid te tonen als om gepaste afstand te houden. En die weerstand kan gemakkelijk leiden tot schijnbare onverschilligheid wat de getroffene vervolgens kan aanzetten tot nog meer of sterkere emotie. Een eindeloze spiraal is het gevolg.

Er is een levensgroot verschil voor een verantwoordelijke tussen gezichtsverlies lijden en je masker laten zakken. Het verschil wordt uitgemaakt wanneer de toehoorder laat weten niet te oordelen. Een verantwoordelijke geeft geen antwoord wanneer hij bang is daarna monddood en in aanzien geschaad te zijn.

Het is de taak van de overheid en politici om duidelijkheid te geven over de relatie tussen verantwoordelijkheid voor gebeurtenissen uit het verleden en de redelijkheid van schadevergoedingen. Beloften behoren nagekomen te worden. Duidelijkheid kan ook zijn dat met relevante redenen omkleed uitgelegd wordt waarom er geen schadevergoeding wordt uitgekeerd. Slachtoffers weten dan waar ze aan toe zijn en kunnen het besluit toetsen bij de rechtelijke macht.
Getraumatiseerde slachtoffers doen er goed aan om zich te realiseren dat erkenning op zich niet kan leiden tot heling van de psychische schade. Het kan het helingsproces versnellen omdat er een mijlpaal is gepasseerd. Geld kan schade beperken omdat het veiligheid kan leveren voor bestaanszekerheid.
Wie constateert dat partijen langs elkaar heen praten kan een oplossing bieden door de belangen open op tafel te leggen, door verschillen en overeenkomsten op te sommen en te benoemen wat gezegd wordt via de inhoud en via de betrekking.
Het is de toon die de muziek maakt.

4 maart 2015

Onevenwaardigheid blokkeert de liefde

Wat de liefde tussen twee geliefden het snelst kapot maakt is minachting. Denigrerende opmerkingen maken en neerkijken op de ander of langdurig negeren is de dood in de pot voor een relatie.
Dit gegeven maakt duidelijk dat niet oordelen en een evenwaardige houding naar een ander belangrijk zijn in het behouden van een relatie.
Toch zit onze samenleving vol van momenten van competitie en oordeel. Van kleins af aan worden we geoefend in het meten met een ander. Sport en schoolprestaties zijn bedoeld om kinderen te leren om hun grenzen te verleggen en om samen te werken, maar doet hen ook permanent zichzelf vergelijken met anderen. Zij die altijd achteraan in de rij belanden worden moedeloos en verliezen hun zelfvertrouwen. Zij die altijd vooraan staan zijn slechts tijdelijk blij, maar nooit tevreden want ze kunnen elk moment van hun troon worden gestoten.

Al sinds Bijbelse tijden wordt de mens gewaarschuwd voor de desastreuze uitwerking van de waan de waarheid in pacht te hebben van het oordeel van goed en wat slecht is. Het spreekwoordelijk paradijslijk samenleven is onmogelijk wanneer we elkaar permanent de maat nemen.
Zelfs machthebbers kunnen rustig achterover leunen wanneer het verdeel en heers principe de mensen met elkaar doet vechten in plaats met hun uitbuiters. In de politiek hoeven ze alleen een veto recht te hebben om ongewenste veranderingen tegen te houden. Ontwikkelingen die hun niet bedreigen kunnen ongehinderd doorgang vinden. In dit licht bezien zou het geen verbazing mogen wekken dat de Verenigde Naties zo georganiseerd is dat een paar grootmachten besluiten kunnen tegenhouden en dat de Eerste Kamer in 1848 zo is ingericht dat ook regionale belangen zijn geborgd.

Nu is de menselijke ontwikkeling en beschaving inmiddels zo ver gekomen dat zowel de machthebbers buiten beeld zijn geraakt als dat vrijwel elke aardbewoner via Internet in principe alles in beeld kan hebben. Wie alleen strijdt over dat wat zichtbaar is ontgaat wat echt van belang is.

De drie grondslagen die werden aangedragen tijdens de Franse Revolutie zijn nog steeds aan de orde: vrijheid, gelijkheid, broederschap. Willen we in de wereld echt bijdragen aan het bevorderen van gerechtigheid, welzijn en welvaart voor elke wereldburger dan moeten we inzien wat de haalbaarheid van deze zaken aan ons zicht onttrekken. En het verrassende antwoord is de werking van ons ego.
De Dalai Lama maakt ons er al op attent dat het ego uit angst voor de dood ons doet zoeken naar overleving en veiligheid, met een krimp van het bewustzijn tot gevolg. We raken ons gevoel van verbinding met alles en iedereen kwijt. Dat gevoel hadden we in onze eerste twee levensjaren nog wel. Wanneer we de moed verzamelen om alle ongrijpbare zaken (vrijheid, waarheid, liefde e.d.) los (vrij) te laten kunnen we de blokkade die het ego opwerpt ontlopen en weer in verbinding treden.

Wat eigenlijk ieder kind zou moeten leren is dat omgaan met ongrijpbare zaken doenlijk is. Sterker nog, zelfs het gelijktijdig omgaan met twee ongrijpbare zaken als vrijheid en liefde is te doen. We kennen deze situatie als respect. Iemand die een ander respecteert is zowel betrokken bij de ander als de juiste afstand houdend. Hoe hierin balans te houden kost eerst wat oefenen, ongeveer evenveel als op twee benen te gelijk te staan en te lopen, maar het duurt niet lang of met de verworvenheid kan het kind zelfs leren fietsen en zo voort. Spelenderwijs kan een ouder of leraar ook feedback geven over het functioneren van het ego bij het balanceren en evenwicht houden bij respect.

Meer lezen over deze concepten? Klik op de labels onderaan dit blog.

16 januari 2015

Vrijheid van meningsuiting is geen vrijbrief om te beledigen

Vrijheid van meningsuiting betekent dat het ons vrijstaat om onze mening te uiten in woord, schrift of beeld. Wie zich niet zo goed bewust is van het verschil tussen een feit, een mening of een oordeel, kan ten onrechte denken dat hij alles mag zeggen. Wie de holocaust ontkent, ontkent een feit en kwetst daarmee anderen. Omgekeerd, iemand die zegt dat hij zich gekwetst voelt kan niet stellen dat degene die hem kwetst de wet overtreedt. Gevoelens hebben voor jezelf waarheid, maar die kan een ander niet worden opgelegd.

Gevoelens en meningen zijn een persoonlijke zaak. Oordelen zijn dat niet. Wie tegen een ander zegt “ik vind jou een klootzak” komt daar juridisch mee weg. Wie zegt “jij bent een klootzak” niet per se. Het is een beledigend oordeel.
Ius mentis: Je hebt het recht om je mening te uiten en daarbij te schokken, kwetsen of verontrusten. Maar er zitten wel degelijk grenzen aan de uitingsvrijheid. De wet noemt smaad, laster, privacy, discriminatie en haat zaaien als belangrijkste grenzen.
Het is overigens een misverstand dat je door "Ik vind" ergens voor te zetten, altijd legaal bezig zou zijn. Er is juridisch geen verschil tussen "Ik vind hem een oplichter" en "Hij is een oplichter". Uit de context moet blijken hoe je die zin bedoelde: als daadwerkelijke beschuldiging, als stoom afblazen of prikkelende overdrijving in een recensie van een winkel? Wel is het zo dat een opinie anders beoordeeld wordt voor de wet dan een feitelijk relaas.
Tot zover Ius mentis.

Bestaat het recht om te kwetsen?
Dat recht bestaat niet en je kunt ook niet iemand de mond snoeren door te beweren dat hij jou gekwetst heeft of dat je je door een uitspraak gekwetst voelt.

Godslastering is niet strafbaar, vermoedelijk omdat God niet aantoonbaar een persoon is. Belediging van groepen, het aanzetten tot haat, discriminatie of geweld zijn wel strafbaar. Zo kan een samenleving provocateurs grenzen stellen.

Een machtig persoon (leeuw) tergen is levensgevaarlijk. Spot wordt vaak verpakt of vermomd om machthebbers te bekritiseren. Een nar of een clown kan daar mee wegkomen door ook zichzelf op de hak te nemen. Hele culturen kennen indirecte vormen van subtiel beledigen. Indirect kan ook door het tegenovergestelde te beweren van wat je bedoelt. Het wordt dan de kunst van de goede luisteraar om dit op te pikken.

De gedachte achter etiquette, ethiek, de grondwet, de 10 geboden en wellevendheid is de gouden regel: wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet. In de wet wordt deze grondregel voor allerlei situaties uitgewerkt met zo min mogelijk beperking van ieders vrijheid. In de etiquette wordt zoveel mogelijk voorbeelden uitgewerkt van situaties waarin het gedrag wordt omschreven waarmee je geen grenzen overschrijdt. Wie wellevend is houdt rekening met de ander. Hij past de etiquette toe zodat niemand in de pijnlijke situatie komt dat er grenzen dreigen te worden overschreden.

Een vergelijkbare overweging geldt bij het tonen van respect. Bij respect geldt dat iemands grenzen in acht moeten genomen en dat er optimum is in de mate van betrokkenheid. Die betrokkenheid kan positief of negatief zijn. In beide gevallen is er een spanningsveld tussen betrokkenheid en vrijheid van de ander.

Voorkomen is beter dan genezen. Het is handiger om negatieve gevoelens bij anderen te voorkomen, maar wie zichzelf inhoudt en niet voor zichzelf opkomt vanuit angst voor een ander heeft daarmee vooral zichzelf. Wie een lastige kwestie aan de orde wil stellen kan het beste aangeven wat het hem doet in plaats in de aanval te gaan en stellen dat de ander een fout begaat.

4 januari 2015

Een goede God is niet nodig

Is het gegeven dat er veel menselijk leed is in de wereld een bewijs dat er geen goede God is?
Uiteraard is dat het bewijs, maar dat wil niet zeggen dat God of Allah, of om het even welke hogere macht dan ook, niet bestaat. Kunnen we accepteren dat er een macht zou kunnen bestaan die niet oordeelt?

Bij de vraag of God bestaat is vooraleerst van belang wat wij onder God verstaan. Is God een persoon, omdat bidden anders geen zin heeft? Is God degene die de evolutie op gang heeft gebracht? Zat God achter de oerknal?
Het moge duidelijk zijn dat je eigenlijk nog niets weet wanneer je op deze vraag een bevestigend antwoord krijgt. Elk antwoord roept eindeloos vervolgvragen op.

Mathieu Weggeman: "Zou het nu ook niet zo kunnen zijn dat mensen niet voldoende verstand of een niet ver genoeg ontwikkeld bewustzijn hebben om te begrijpen aan welke orde zij zelf deelnemen? Er is ook geen mens die een roman kan schrijven waarin de hoofdpersoon intelligenter is dan de schrijver zelf. Graag daarom wat minder stelligheid en arrogantie en wat meer bescheidenheid in het debat over het al dan niet bestaan van God."

Mensen voor wie het in het leven niet meezit, vinden troost in de gedachte dat zij na hun dood opgevangen worden door een liefdevolle God in een hemel. Mensen die een Bijna-Dood-Ervaring (BDE) hebben gehad melden een liefdevolle ontmoeting met overledenen en hemelse toestanden, niemand meldt een ontmoeting met een God. Er is vermoedelijk meer tussen hemel en aarde en er is niets mis mee om te geloven.

De vraag of God wel of niet bestaat zal waarschijnlijk nooit definitief beantwoord worden. Zelfs wanneer religieuze voorstellingen of gevoelens kunnen worden opgewekt door hersenstimulatie wordt deze vraag daarmee niet beantwoord.
Dat is geen ramp. Het kan voor velen een geruststelling zijn dat God zich niet aantoonbaar bemoeit met de gang van zaken op aarde en niemands zijde kiest. Het betekent namelijk dat we vrijheid zouden kunnen hebben en niemand God kan claimen. Vele anderen zouden zich afkeren van religie omdat het geen zin lijkt te hebben om te luisteren naar geestelijken die beweren namens God te spreken. Vooral niet wanneer religies op een oneigenlijke manier proberen macht en controle uit te oefenen. Het is niet zo verwonderlijk dat er vaak oorlog is met die landen, waarin veel religieuze fundamentalisten wonen. Een fundamentalist is iemand die vindt dat hij zijn visie over het ware geloof aan een ander mag opleggen, desnoods met geweld. Geen wonder dat Allah of God zich niet direct laat kennen.
De geest van de 10 geboden, de grondwet en de ethiek is in grote lijnen gelijk: “mijn vrijheid houdt op waar die van een ander begint” en “doe niet aan een ander wat je niet wilt dat een ander jou aandoet”. Deze richtlijnen worden zowel binnen als buiten religies aangehouden. Er is consensus over de grote lijn van wat goed en fout is. Goed is wat de vrijheid van zoveel mogelijk betrokkenen vergroot. Hecht geen geloof aan iets wat niet bijdraagt aan vergroting van vrijheid en liefde.

Misschien heeft geloven in een God nog wel zin; geloven in een God die oordeelt en probeert onrecht te voorkomen, ontslaat ons wel erg gemakkelijk van de verantwoordelijkheid om zelf te waken en na te denken over goed en fout.
Het accepteren dat een goede God niet bestaat maakt het ook logischer om grenzen te stellen aan geloven (religies) die claimen God of Allah aan hun kant te hebben en vervolgens een ongelijkheid introduceren en zich boven een ander stellen.

Het maakt het ook gemakkelijker om mensen uit andere culturen te accepteren en te respecteren in hun geloof, zolang zij zich evenwaardig opstellen. Wanneer we ons zouden oefenen in het achterwege laten van veroordelen en oefenen in het evenwaardig behandelen van onze medemens dan verdwijnt vanzelf de behoefte aan een goede God.

De cijfers begin 2015:
Atheïst: Er bestaat geen God of hogere macht of kracht - 25%

Agnost: Weet niet of God of een hogere macht bestaat - 31%

Ietsist: Er moet iets zijn als een hogere macht of kracht - 27%

Gelovige: God houdt zich met ieder mens persoonlijk bezig - 17%

Voor zoekers, twijfelaars, gelovigen en atheïsten is onderstaand boek van Frédéric Lenoir zeer inzichtelijk. Als God bestaat, waarom is hij dan onzichtbaar? Wanneer duiken de eerste goden op in de geschiedenis? Hebben joden, christenen en moslims het over dezelfde God? Is God een persoon, een energie of een scheppingsprincipe? En als het een persoon is, waarom dan bijna altijd een man? Kan de wetenschap het bestaan van God bewijzen? Is het boeddhisme een religie zonder goden? Zie inhoudsopgave van God?

Een citaat uit God?:
Wat Jezus betreft kwam verlossing voort uit gebed en uit onze betrekking tot God. Hij wilde de mens opnieuw in contact brengen met zijn goddelijke oorsprong. Maar in navolging van bepaalde Bijbelse profeten bracht hij om te beginnen zijn discipelen een andere kijk op God bij, door hun te tonen dat zijn almacht als het ware onderworpen is aan zijn liefde en aan zijn absolutie eerbied voor de vrijheid van al zijn schepselen. Dat houdt in dat de menselijke wisselvalligheden niet meer mogen worden opgevat als goddelijke beloningen of straffen. God biedt de mens met zijn genade innerlijke ontferming, in plaats van de rechtvaardige voor elk bezoeking te behoeden of de zondaar voor zijn dwalingen met beproevingen te straffen. Daarom zal Hij ook niet in het reilen en zeilen van de wereld ingrijpen.

12 december 2014

Je moet toch wat zeggen

In het ideale geval is een gesprek een dialoog, dat wil zeggen dat spreker en luisteraar oprecht visies uitwisselen en erop vertrouwen dat de ander het goed met jou voorheeft en zijn best doet naar waarheid te antwoorden. Maar in minder evenwaardige situaties, bijvoorbeeld wanneer je de ander doorzaagt of ter verantwoording roept, dan loop je kans dat de ander maar wat zegt om er vanaf te zijn.
In zware gevallen als de rechtspraak rekent men er helemaal niet op dat het er wat toedoet wat een verdachte zegt. Het is mooi wanneer iemand vrijwillig bekent. Er is een recht op zwijgen zonder daarmee impliciet schuld te bekennen. Uit eeuwenlange ervaring heeft men geleerd dat een hard bewijs veel zwaarder moet wegen dan de verklaring die iemand zelf geeft. Niet iedereen is altijd toerekeningsvatbaar (bijvoorbeeld ziek of dronken) en het is efficiënt ellenlange discussie te voorkomen over wat iemand eigenlijk had willen of moeten zeggen.
In het gewone niet-wetenschappelijke taalgebruik noemt men attribueren in engere zin het gebruik van uitvluchten om een handelwijze te rechtvaardigen. Wanneer een bepaalde uitkomst ons goed uitkomt, dan rekenen we het toe aan de eigen vermogens en wanneer de uitkomst ons niet goed uitkomt dan zoeken we vaak een externe oorzaak. Onbewust weten we dat van elkaar en rekenen het hopelijk elkaar niet zo zwaar aan wanneer iemand niet meteen met de meest geloofwaardige uitleg op de proppen komt.

Het is de kunst van een prettige communicatie om de ander een veilig gevoel te geven en uit te nodigen om vrij te spreken. Wie een oordeel verwacht kan anticiperen met een nietszeggend verhaal of uitleg of liegt staalhard en alle varianten hier tussenin.

Een dubbele rol is weggelegd voor de dooddoener. Een dooddoener is een soort kruispunt in een gesprek waarin een andere afslag kan worden genomen. De spreker kan de dooddoener die de ander inzet om in te breken op het gesprek opvatten als een belediging of een kans.

Daarentegen is het gebruik van drogredenen een kwalijke zaak. Je laat daarmee zien dat je de luisteraar niet respecteert, maar wilt manipuleren.

Wie zichzelf goed kent is er ook van anderen op bedacht dat ook zij een goede reden kunnen hebben om niet meteen voor de draad te komen met de waarheid. Een zekere compassie met dat het tijd kost om elkaar te vertrouwen en dat een gesprek dat begint met een “praatje voor de vaak” niet meteen een voorbode is van een gebrek aan bereidheid of vaardigheid van de gesprekspartner tot diepgang. Het is vaak een spel om al jonglerend in het contact elkaar uit te dagen en uit te nodigen om steeds duidelijker te worden.

Het is prudent om attent te zijn op wat er niet gezegd wordt, maar het is onbehoorlijk om daaruit conclusies te trekken zonder voorzichtig te controleren of jouw vermoeden klopt.

Dit spel is het gemakkelijkst te spelen wanneer je de wens opgeeft om te oordelen en altijd een open mind houdt zonder naïef te zijn.

Kasper C. Jansen en Michiel Lieuwma, beter bekend als De snijtafel, fileren gesprekken op de kwaliteit van wat er wel of niet wordt gezegd. In onderstaande video een gesprek tussen Jeroen Pauw en Diederik Samsom over de slechte peilingen voor de PvdA.


29 augustus 2014

Het systeem aanklagen zonder te veroordelen

Trudy Dehue (1951) is wetenschapsfilosoof en als zodanig een luis in de pels van de universiteit. Ze houdt met haar laatste boek Betere mensen een fel pleidooi tegen standaardisering en voor diversiteit. De kracht van Dehue is dat zij niet veroordeelt maar aanklaagt.
Ze legt de belangen bloot van degenen die anderen adviseren over welzijn, gezondheid en ziekte. Ze schetst het vernauwde denkraam van waaruit ze sluipenderwijs gaan denken. Technologisch vooruitgangsdenken als motor van de economie.
Ze vertoont opvallende weinig boosheid en vermijdt het woord schandalig. Ze is vooral bezorgd.
Wat heb je eraan om naar een individu te wijzen? Individuen dragen verantwoordelijkheid maar functioneren in een systeem. We doen dit met zijn allen.

Lex Bohlmeijer interviewt haar voor De Correspondent en deelt zijn verontwaardiging:



Waarom maken zo weinig mensen zich druk om de fouten in het systeem?

Citaten:
We zijn ongeduldiger geworden over afwijkingen en stoornissen.
We weten niet meer hoe we moeten leven.
De wetenschap verkoopt normen voor feiten.
Die mensen zijn niet dom, maar onnadenkend.
Je kan niet tegen de keer ingaan als je veel moet publiceren.

3 juni 2014

De verwijdering tussen God en mensen onderling

Al duizenden jaren vertellen mensen over een breuk in de relatie tussen mens en God. In de oudst bekende verhalen was er sprake van vele onsterfelijke goden, die eigenschappen hadden die op mensen leken. Goden als spiegels van het menselijke karakter. Er was behoefte om te verklaren waarom God niet rechtstreeks was te benaderen of om het bestaan van maar één God te bewijzen.

In een onlangs ontcijferde tekst, 800 jaar ouder dan de eerste Bijbelteksten, zou de god Adam bestraft zijn voor zijn bemoeienis met de strijd tussen de scheppergod El en zijn rivaal Horon. Horon, in de vorm van een slang, beet Adam en hij veranderde in een sterfelijk mens. Om het verlies van zijn onsterfelijkheid te compenseren schiep (een zonne)god de vrouw (zodat ze door hun kinderen toch voort konden leven).

Net als bij de machtsstrijd in de godenwereld lijkt het er op dat er van oudsher competitie is tussen culturen in het presenteren van een monotheïstische Godsbeeld. In de Joodse en islamitische religie heeft God (Allah) als het ware gewonnen en hebben de andere bovenaardse wezens een bijrol gekregen als engelen. Het zijn de engelen die menselijke trekjes vertonen en soms ongehoorzaam zijn. Zo zou de duivel (Lucifer of Satan genoemd) een gevallen engel zijn. In de Bijbel schiep God man en vrouw en laat hen leven in het Paradijs op slechts een voorwaarde, namelijk dat zij niet aten van de vruchten van de boom van het kennis van goed en kwaad. Die kennis leidt tot veroordelen en afstand tot de ander. Kennis van goed en kwaad was voorbehouden aan de goden. Met het eten van deze vruchten zouden de mensen goden worden.
Het was de duivel in de vorm van een slang die Eva verleidde om toch van de vrucht te eten en Adam te bewegen om dat ook te doen. Het leidde tot de verwijdering van God en de mens en verdrijving uit het paradijs. Sindsdien lag de erfzonde als een vloek over hun nageslacht en bidden gelovigen in het onze vader om "vergeving van onze schuld".

Het christendom slaagde erin om zich te nestelen in de top drie van monotheïsmen door 2 millennia te verhalen over de geboorte van Jezus als zoon van God, die de banvloek van de zondeval weer verbrak. Het is al die tijd weer mogelijk om terug te keren tot God, maar wanneer en in welke vorm? Dat wordt bepaald met de wederkomst van Christus op de dag van het laatste Oordeel. Zelf was Jezus naar verluid in staat om uit de dood op te staan en na het tonen van het bewijs en het geven van instructies aan zijn discipelen weer naar de Hemel te varen. Gelovigen worden begraven in afwachting van de wederopstanding en uitroeiing van het Kwaad. Er zullen weinig mensen zijn die zich laten begraven omdat zij letterlijk verwachten op de jongste dag weer op te staan. Geen wonder dat crematie steeds populairder is geworden. Het is not done om geestelijken over de logica van wederopstanding en andere verhalen uit de Bijbel door te zagen. Wat een gelovige echt gelooft is dan ook vaak onduidelijk: "er is iets of meer tussen hemel en aarde".

Het zijn in de afgelopen eeuwen de kerkelijke instituties geweest die getracht hebben de menselijke behoeften aan een beter leven te kanaliseren en zo macht te verwerven. Priesters gaven aan hoe je leven moest (met een beloning na de dood) en hoopten zo de mensheid te verheffen boven de onschuldige, maar onbewust levende dieren.
Nu we leven in een samenleving van welvaart is voor velen de wens tot het toetreden van het hiernamaals verdwenen. Het leven voor de dood is inmiddels aardig paradijselijk geworden. We willen niet langer verteld worden hoe te leven of verlost worden. Dat maken we zelf wel uit.

Gebleven is de drang tot competitie, de machtsstrijd en de neiging om te veroordelen. Monotheïstische culturen claimen dat zij een persoonlijke relatie met God hebben die zich exclusief zal inzetten voor hun eigen zaak. En dat leidt tot kinnesinne en bloedige godsdienstoorlogen. Nietzsche verklaarde dat God dood was, mogelijk om een bijdrage te leveren tot het staken van de gevechten op leven en dood.

Mensen vinden het nog steeds moeilijk om anderen als gelijke te accepteren. In sport en spel leven we die kinderlijke behoefte uit om meer en beter te zijn dan een ander. We willen blijven groeien en ontwikkelen, niet in de laatste plaats om ook op de oude dag autonoom en comfortabel te kunnen leven.
Mensen willen veiligheid en erkenning. We willen als goed beoordeeld worden. Als eerste van onze ouders, dan van onze leraren, later van onze partner of werkgever en het zou mooi zijn wanneer we het ook van God zouden krijgen.

In het leven zijn er een aantal angstige momenten dat we verwijderd raken van de ander. Het begint bij de geboorte met het doorknippen van de navelstreng, dan maken we de eerste breuk in het ontdekken van ons ego en oefenen we in het zelfstandig verbinding maken en loslaten in onze puberteit. De laatste breuk met anderen is bij onze dood. Gelovigen hopen dan genoeg krediet te hebben verzameld om opgenomen in een probleemloos leven in een hiernamaals.
Op deze wijze hopen mensen te ontsnappen aan de zinloosheid van het leven. Stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren. Velen zien hierin het recht op een vrij leven en weinigen zien een plicht om een evenwaardig leven te leiden.

Het disciplineren van jezelf uit religieuze motieven, het je houden aan de tien geboden of gewoon uit fatsoen kost sommigen veel moeite. Het valt dan niet gemakkelijk te kijken naar anderen die het niet zo nauw nemen met de regels of die een geloof beschimpen. Trots en eerwraak leiden tot agressie die in tegenspraak is met de religieuze beginselen die oproepen tot naastenliefde, compassie, mededogen en barmhartigheid.


We hebben moeite met vertrouwen en ruimte te geven aan anderen. Het boeddhisme waarin stilte, ruimte en leegte belangrijke elementen zijn, vinden veel westerse mensen aantrekkelijk maar ook lastig. We willen die elementen wel voor onszelf, maar wanneer we het overlaten aan anderen zou er dan genoeg voor onszelf overblijven?
Het boeddhisme slaat met haar non-dualiteit een brug over de kloof die we ervaren naar anderen. Er is eenheid in niet twee-zijn.



Zie ook Neale Donald Walsch over de misvatting dat een almachtige God behoefte zou hebben om mensen te straffen.

21 mei 2013

De voor- en nadelen van de nieuwe DSM

Het nieuwe handboek voor de psychiatrie, de DSM-5, geeft aanleiding tot vele kritische beschouwingen.
De DSM-5 bestempelt normale variaties van menselijk gedrag tot ziektes waarvoor je hulp moet zoeken en pillen moet slikken. Wat je aandacht geeft, groeit.

AartJan Beekman, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie, ziet dat niet terug in de Nederlandse cijfers. Hij wijst in artikel van Tonie Mudde in de Volkskrant van 18 mei op de zogeheten NEMESIS-studies; grote periodieke steekproeven om de geestelijke gezondheid van de Nederlandse bevolking te peilen. Uitkomst: psychische stoornissen komen nu net zo vaak voor als tien jaar geleden. Beekman: 'Ook in landen als Amerika en Australië neemt het aantal diagnoses over de gehele linie niet toe, ook niet na de publicatie van een nieuwe editie van de DSM.'
Wat door de jaren heen wél toeneemt, is het aantal behandelingen en het medicijngebruik. Inmiddels slikken 900 duizend Nederlanders antidepressiva, een stijging van 2 procent per jaar. 200 duizend Nederlanders nemen nu medicatie tegen ADHD, een stijging van gemiddeld 14 procent per jaar.
Beekman: 'In 1997 kregen zes op de tien mensen met een depressie een behandeling. Nu is dat acht op de tien. We geven dus niet steeds meer mensen een etiket, we behandelen alleen steeds meer mensen.'
Volgens Beekman komt dat omdat taboes rondom psychische afwijkingen langzamerhand verdwijnen. 'Iemand van dertig die zich nu prikkelbaar voelt en geen zin heeft in zijn werk denkt veel eerder aan een stemmingsstoornis dan zijn ouders dat zouden hebben gedaan. Als hij dan ook nog iemand kent die is opgeknapt van pillen, zal hij daar eerder zelf om vragen bij zijn huisarts.'
Tot zover Mudde in de Volkskrant.

Het belang van het betrouwbaar diagnosticeren van dezelfde verschijnselen over verschillende landen en culturen heen, heeft veel voordelen. Behandelingsresultaten kunnen gemakkelijker worden vergeleken en cross-cultureel worden onderzocht. Men kan van elkaar leren welke behandeling het effectiefst, snelst, goedkoopst, de minste bijwerkingen etc. is.
Belangrijk is dat iemand bij een bepaalde diagnose of label niet te snel naar medicijnen grijpt of denkt dat hij ziek of “gek” is. Je bent niet minder waard als je gedrag vertoont wat in de DSM beschreven wordt.
Natuurlijk is het voor verzekeringsmaatschappijen gemakkelijk om de voorwaarde te stellen dat zij alleen iets vergoeden wat officieel in de DSM is beschreven, maar het moet niet zo zijn dat een behandelaar iemand een afwijking aanpraat zodat hij dan er een cliënt of patiënt bij heeft. Het is aan de verzekeringsmaatschappij om dit te controleren en aan de samenleving en de politiek om te monitoren dat gezondheidszorg en verzekering elkaar niet de bal (geld) toeschuiven. Het is aan patiëntverenigingen om mee te denken over wat te doen na het krijgen van een DSM-label.

Zie ook “Pas je als hulpvrager in het goedkoopste of in het lucratiefste plaatje van de hulpverlener?”

Het boek Betere mensen laat zien dat wetenschappelijk onderzoek de werkelijkheid eerder vormgeeft dan dat ze haar ontdekt. Er is veel meer openheid nodig over de manieren waarop wetenschap de realiteit creëert, betoogt Trudy Dehue, omdat ze het leven anders vóór anderen, maar niet met hen maakt. Het onderzoek naar ADHD bij volwassenen en het ontwerp van nieuwe hersentechnologie dienen als centrale voorbeelden in een pleidooi voor het behoud van variatie in typen wetenschap, omwille van het behoud van variatie in typen mensen.



Trudy Dehue (1951) is wetenschapsfilosoof en als zodanig een luis in de pels van de universiteit. Ze houdt met haar laatste boek Betere mensen een fel pleidooi tegen standaardisering en voor diversiteit.



Ernst-Jan Pfauth van De Correspondent:
Ze spreekt dan ook van een systeem waar iedereen aan meedoet. Toch laat Dehue zich niet verleiden (al probeer ik het wel) om personen in staat van beschuldiging te stellen, of te spreken van een schandaal (terwijl ik daar in sommige gevallen wel degelijk aanleiding toe zie).

18 april 2012

Wilde conclusies uit een onzekere kwantumtheorie

De kwantumtheorie bevat veel onzekerheid. Die onzekerheid wordt door "zieners" gebruikt om verstrekkende conclusies te trekken op basis van overeenkomsten die men ziet bij menselijke ambities om zich te ontwikkelen tot hogere niveaus. In dit artikel een kritische kijk op dit gebruik van "gedachtesprongen".

Op Wikipedia wordt de theorie van de kwantummechanica uitgelegd. Van deze tekst wat bewerkte citaten (met cursief een kleine toevoeging, een filmpje en weglatingen) om de hoofdlijn te kunnen volgen:

In de kwantumtheorie wordt de werkelijkheid op een fundamenteel andere manier benaderd dan in de klassieke natuurkunde, waarin ervan wordt uitgegaan dat er een waarnemer-onafhankelijke werkelijkheid is en natuurkundige grootheden continue variabelen zijn, die in elke gewenste combinatie gemeten kunnen worden.
In de kwantumtheorie variëren natuurkundige grootheden stapsgewijs (discontinu met 1 kwantum tegelijk) en is er geen waarnemer-onafhankelijke werkelijkheid. Door dit tweede fundamentele verschil met de klassieke natuurkunde is het principieel uitgesloten om het effect van de waarneming uit te schakelen: de keuze die de waarnemer maakt bij het opzetten van zijn experiment bepaalt in belangrijke mate de uitkomst daarvan.
De beschrijving van systemen door middel van een golffunctie betekent dat deeltjes zich, afhankelijk van de manier waarop ze worden waargenomen, soms als een deeltje in klassieke zin, maar soms als een golfverschijnsel gedragen. Zo kunnen bijvoorbeeld elektronenbundels, net als lichtbundels, brekingsverschijnselen en interferentie (versterking of uitdoving) en diffractie vertonen.



Een ander opmerkelijk feit in de kwantummechanica is dat fysische grootheden van een systeem in sommige combinaties niet tegelijkertijd met willekeurige nauwkeurigheid bekend kunnen zijn. De belangrijkste voorbeelden hiervan zijn plaats en snelheid, en tijd en energie. Dit feit staat bekend als de onzekerheidsrelatie van Heisenberg.
Volgens een bepaalde zienswijze binnen de kwantummechanica bestaan ten gevolge van het onzekerheidsprincipe deeltjes niet eens totdat er een waarneming plaatsvindt. Schrödinger was door deze zienswijze dermate ontstemd dat hij het beroemde voorbeeld van de kat beschreef, die door dit effect tegelijkertijd zowel dood als levend was. Schrödinger hoopte met dit onmogelijke voorbeeld te laten zien dat deze filosofie belachelijk was en dat men dit denkbeeld maar snel moest laten vallen. Tot zijn verdriet is bijna het tegenovergestelde gebeurd en is Schrödingers kat een geheel eigen leven gaan leiden.
Tot zover Wikipedia.

Belangrijk onderdeel in deze tekst is dat er voor de waarnemer bij licht tijdens metingen verschil is in gedrag. Dat wil niet zeggen dat dit ook betekent dat in werkelijkheid licht van aard verandert en soms een deeltje is en soms een golf is. Deze “wilde” conclusie doet denken aan het psychologische verschijnsel dat mensen wanneer zij het gedrag van anderen zien er conclusies aan verbinden over hoe de “kwaliteit” van die mensen is. Een arts die euthanasie “pleegt”, pleegt in de ogen van de een een moord en van de ander een medemenselijke daad. De waarnemer ziet wat hij wil zien.

Het is de waarnemer die indirect invloed uitoefent via de waarneming die hij kiest. Kiest hij een andere manier van waarnemen dan bestaat de kans dat hij een andere conclusie trekt.
De menselijke waarneming is op het gebied van de allerkleinste bekende deeltjes niet in staat om te kijken zoals we in ons dagelijkse leven om ons heen kijken. We zien bijvoorbeeld maar een deel van de uitgezonden frequenties van lichtgolven. Zelfs het gebruik van instrumenten helpt ons daarbij niet om te kunnen stellen dat we een transformatie kunnen doen die recht doet aan de (zichtbare) werkelijkheid van het elektron.

Het beste om valkuilen in de waarneming te voorkomen is zelfkennis en het zo lang mogelijk uitstellen van oordelen.

De filosofische vraag of een gebeurtenis wel plaats vindt wanneer er geen waarnemer is, is een onzinnige vraag. Het zijn slechts taalspelletjes.

Voor sommigen is materie het resultaat van interferentie van golven en energie. Daarmee zouden alle waarneembare verschijnselen verklaard kunnen worden als gedragingen van (elektromagnetische) golven van licht. So far so good, maar vervolgens worden met reuzenstappen gigantische conclusies getrokken.
Een voorbeeld:
“Omdat het brandpunt van deze golven zelfreferentieel is, schept het zelfbewustzijn. Ieder atoom in het universum is bij gevolg zelfbewust en het universum als geheel is derhalve één bewust wezen: het universele bewustzijn, God is alles wat er bestaat, het is alom aanwezig, en almachtig. Hij is zich bewust van alle dingen die gaande zijn in het universum omdat hij het universele bewustzijn zelf is.”

Ook dit zijn tautologische taalspelletjes.

Wat wel zinnig is te doen met onzekerheidsrelaties is het te gebruiken bij het en-en denken. Twee of meer interpretaties van een gebeurtenis kunnen tegelijkertijd waar zijn. Daarbij is het gegeven dat de ene interpretatie meer waarschijnlijkheid heeft dan de andere niet een rechtvaardiging om de meest waarschijnlijke interpretatie tot absolute waarheid te verheffen.

3 januari 2012

Het ego maakt vrij en verbindt en wordt losgelaten

Het ego staat tegenwoordig vaak in een negatief licht. Associaties met egoïstisch en egocentrisch spreken voor zich. Maar de mens kan zich niet ontwikkelen zonder een ego. Het hoort bij een onmisbaar stadium in zijn ontwikkeling.
Het ego is volgens Jung het centrum van het bewustzijnsveld. Geen enkele inhoud die in dat veld komt kan de kwaliteit “bewust worden” bereiken tenzij deze inhoud verbonden raakt met het ego. Alle bewuste psychische activiteiten staan onder beheer van het ego.
Het ego ontstaat uit het archetype Zelf, het centrale regulerende archetype van de gehele psyche, het bestuurlijke en ontwikkelingscentrum van zowel het bewuste als van het onbewuste deel. De wording van het ego vindt plaats in de eerste levenshelft tot circa 35 jaar. Het ego verlost zich uit het Zelf en is bij voorspoedig verloop omstreeks die tijd zo goed als volledig uit het Zelf getreden maar blijft er wel mee verbonden. Deze verbinding tussen ego en Zelf wordt aangeduid met de ego-Zelf-as. Het ego is van het archetype Zelf de ‘ambassadeur’ in het bewustzijn.

Egofuncties:
Aan het ego worden een viertal specifieke functies toegekend:
  1. Het waarnemen, dat het werkelijkheidsgehalte van de objecten kan vaststellen. Waarnemingen vertellen niet wat er gaat gebeuren;
  2. Het denken, dat schift en tracht aan te geven wat de aard van het object is. Het denken geeft het object een naam, plaatst het object in categorieën en zoekt naar het samenhangende geheel, de betekenisgevende context, waarin het object zijn plaats en functie heeft. Voor deze functie heeft het ego (subject) enige afstand nodig ten opzichte van het object;
  3. Het gevoelen, dat aangeeft wat het object voor de waarnemer betekent, b.v. een bedreiging, een gezochte, een hooggewaardeerde zaak of een (on)nuttig verschijnsel. Het betreft een waarderend oordeel;
  4. De intuïtie geeft aan waar het waargenomene vandaan komt en waar dit heen gaat. De intuïtieve inhoud, ingevingen en voorgevoelens, die uit het onbewuste als een flits worden aangereikt, heeft een directe inhoud van een concreet gegeven en reikt een oordeel aan over zekerheid en (on)twijfelbaarheid. De inhoud kan later blijken onjuist te zijn. De kritische zin dient waakzaam te zijn.
Deze analytische beschrijving suggereert een onafhankelijk functioneren van elk der functies. In feite functioneren de vier functies steeds synchroon, gelijktijdig.Tot zover Jung.

Het koesteren van het ego gaat samen met gevoelens van afgescheiden zijn van anderen. Ben ik of is de ander toereikend? Dit kan angst oproepen voor uitsluiting en eenzaamheid. Het kan ook verleiden om te denken dat je meer bent dan een ander. Het gevaar van hoogmoed (hybris) ligt op de loer en kan agressie van anderen oproepen en de neiging om de egoïst onderuit te vloeren en van zijn voetstuk te stoten.

In het ideale geval is het ego verbonden en vrij. In de ontwikkeling van de persoonlijkheid in de tweede helft van het leven gaat het erom om niet meer te identificeren met het ego en haar vier functies.
Aldus wordt ruimte gelaten voor de ander: letterlijk en figuurlijk. Ruimte laten voor andere opvattingen kan vrijblijvend en dus redelijk gemakkelijk zijn. Maar ruimte voor andere gedragingen is moeilijker omdat dit bedreigend kan overkomen voor het eigenbelang. Dan ontstaat angst die kan leiden tot agressie. Ruimte geven aan de ander betekent hem te laten zijn wat hij is, en dat te aanvaarden, omdat hij een mens is.
Komt de mens uiteindelijk tot inzicht en doorprikt hij het mechanisme van de geconditioneerdheid, dan kan hij eindelijk zijn gedachten en gevoelens zien voor wat ze zijn.
De aandacht geldt op de eerste plaats de eigen geest, het eigen hart. Vooraleer we naar de ander kijken is het belangrijk eerst het eigen instrument van waarneming na te zien, en zo nodig het te reinigen of aan te scherpen. Het middel daartoe is de meditatie: een oefening om alle denkactiviteit tot rust te laten komen en enkel nog open te staan voor wat zich aanbiedt.
De ontwikkelde persoonlijkheid heeft de moed zijn angsten te ervaren, zijn alleen-zijn en zijn kwetsbaarheid. Wie de werkelijkheid volledig (niet vooringenomen) waarneemt krijgt inzicht in de veranderlijkheid en vergankelijkheid van alles wat naam en vorm heeft. Hij heeft inzicht in en is verbonden met een bodemloze bron waaruit vrij mededogen en liefde stroomt. En ervaart daarmee een non-dualiteit of twee(een)heid.

Bovenstaande is vrij weergegeven uit deze bron:
www.stichtingbodhisattva.eu

Vera Helleman over ego en je (niet) afhankelijk maken van de waardering van een ander:




Het ego kan spiritualiteit bevorderen en in de weg zitten.
Frédéric Lenoir schrijft in zijn boek over de geschiedenis van het denken over God. Volgens hem is er een onmiskenbare ontwikkeling richting een steeds persoonlijker beleefd en minder dogmatisch geloof.
Een citaat:
Religie brengt mensen samen door middel van een gemeenschappelijk geloof in een onzichtbare wereld die hun te boven gaat. Daarom gebruikt Régis Debray voor religies de zeer toepasselijke term 'menselijke gemeenschappen'. Daar zou ik tegenover willen stellen dat spiritualiteit, de persoonlijke zoektocht van de geest, aanvankelijk juist ontbindt. Spiritualiteit bevrijdt het individu van alles wat hem bindt en in waanideeën gevangen houdt - onwetendheid, ongegronde meningen, vooroordelen - maar ook van de groep. Dankzij spiritualiteit kan de mens het juk van traditie, van het collectieve afwerpen en tot zichzelf, tot zijn innerlijke waarheid komen. Hoewel spiritualiteit het individu in eerste instantie losmaakt, is het uiteindelijke doel ervan toch dat ze datzelfde individu weer op de juiste manier met anderen verbindt. Anders gezegd: spiritualiteit ontbindt om beter te kunnen verbinden, en bevrijdt het individu om het te leren lief te hebben. Spiritualiteit die ontaardt in onverschilligheid of minachting ten aanzien van anderen is geen echte spiritualiteit maar een neurose waarvoor het spirituele als uitvlucht dient.

...

Door middel van het gebed (Jezus), de filosofie (Socrates) of meditatie (Boeddha) kon het individu voor zijn heil zorgen zonder de voorgeschreven rituelen van de traditie te doorlopen. Verder richtte hun onderricht het aristocratische karakter van de traditionele samenlevingen te gronde. Er bestond voor hen geen wezenlijk verschil tussen mensen: voor iedereen, rijk of arm, slaaf of vrij burger, lag de verlossing of het zielenheil binnen bereik. Er was geen hiërarchie meer, geen kaste, geen uitverkoren volk. Alle mensen waren gelijk, omdat ze allemaal een onsterfelijke ziel bezaten, die hun instaat stelde een geestelijk leven te leiden dat hun vrijheid schonk.

4 september 2009

Wat je zegt, dat ben je zelf

Kinderen die gepest worden krijgen vaak als advies om de pester van repliek te dienen met “wat je zegt, dat ben jezelf”. Dat helpt een beetje als tegenwicht, maar het zou meer pedagogisch verantwoord uitpakken als de kinderen elkaar zouden toevoegen “wat je zegt, zegt wat over jezelf”. Dat bekt wel niet zo lekker, maar het levert wel meer stof tot nadenken op.
Nu leidt het tot dezelfde impasse en loze woordenwisseling als “nietes, welles, nietes, welles, enz.”.

De neiging om te oordelen is menselijk en geldt evenzeer voor kinderen als voor volwassenen.

Een ander uitschelden of veroordelen is het projecteren van een label, dat meer zegt over de degene die labelt dan over de gelabelde. Het kan zijn dat degene die scheldt juist heel erg bezig is met het onderwerp waarover hij scheldt. Iemand voor flikker uitschelden kan een teken zijn dat het onderwerp homoseksualiteit hem juist erg bezighoudt.
"Oordeelt niet (hardop) opdat gij zelf niet geoordeeld wordt." Een mens die bereid is om op deze manier in zijn hoofd bewust naar zijn oordelen als projecties te kijken krijgt steeds minder de neiging om een oordeel daadwerkelijk uit te spreken. En dan snijdt het mes aan twee kanten: je leert over jezelf en je voorkomt een escalatie.

2 juni 2006

Het karakter van eenzaamheid

Mensen die als karakter of door gebrek aan de juiste steun in de opvoeding minder sociaal vaardig zijn (gebleven), worden eenzame mensen die dat ook in hun gedrag en persoonlijkheid uitstralen. Als gevolg van sociale angst zijn ze meer op zichzelf betrokken en hebben ze weinig oog voor de signalen die anderen uitzenden. Zij zijn in de omgang met anderen verlegen en geremd en ze durven ook geen initiatieven te nemen, iets van zichzelf bloot te geven of voor zichzelf op te komen.

Eenzame karakters koesteren soms gedachten die hen vleugellam en faalangstig maken. Eenzame karakters hebben vaak slechte ervaringen met het omgaan met anderen, juist als gevolg van hun onhandigheid in sociale situaties.
Ze hebben geen hoge dunk van zichzelf en schatten hun aantrekkelijkheid niet hoog in. Ze kwellen zichzelf met zelfkritiek en verwachten als vanzelfsprekend door anderen afgewezen te worden. Ze hanteren een pessimistisch scenario over het verloop van sociale interacties. Ze hebben vaak ook een uiterst negatieve kijk op anderen en een weinig positief oordeel over de mensen met wie ze dagelijks omgaan. Ze vinden ook dat hun relaties te weinig intimiteit of diepgang bevatten.
Eenzame karakters hebben vaak onrealistische sociale behoeften. Ze willen het onmogelijke en beschouwen relaties die objectief gezien helemaal niet zo slecht zijn, soms toch als onbevredigend. Daarbij kunnen ze aan de ene kant niet goed alleen zijn, wat hen vaak wanhopig op zoek doet gaan naar contact, maar hebben ze ook de neiging contact te vermijden uit angst afgewezen te worden.
Het is kortom een vicieuze cirkel waaruit ze zichzelf alleen kunnen bevrijden door (eventueel met behulp van een ander in sociaal vaardigheidstraining) kleine, haalbare stapjes maken in een veilige omgeving. Zij moeten hun pessimistische gedachten onder ogen zien en leren om deze aan de feiten te toetsen.
Zij moeten leren omgaan met alleen te zijn, want iemand die alleen kan zijn, kan meer van zichzelf laten zien in contact met anderen. Anders gezegd: het afbreukrisico van het aangaan van een intiemere relatie is dan niet zo groot.

Meer lezen over eenzaamheid? Klik hier.

Doorlezen en verdieping? (klik op de labels)

#metoo (2) aandacht (12) aanwezigheid (4) achterdocht (3) ADHD (3) afhankelijkheid (4) afstand nemen (9) agnost (3) agressie (4) alcoholisme (4) alternatieve genezing (3) altruïsme (6) ambitie (3) ander (2) angst (23) angststoornis (1) apofatisch (6) authenticiteit (12) autisme (2) autonomie (4) baclofen (1) balans en evenwicht (35) begeerte (2) behoefte (5) belangen (14) belemmerende overtuigingen (6) beoordelen (5) beslissen (3) betrokkenheid (7) betrouwbaarheid (7) bewustwording (14) bewustzijn (31) bezinning (1) bindingsangst (4) bioscoopfilm (6) biseksualiteit (1) bodhisattva (2) boeddhisme (6) boek (263) borderline (2) brein (2) burn-out (4) castratieangst (1) communicatie (23) compassie (8) competentie (7) competitie (9) complottheorie (4) consumeren (7) coping (1) creationisme (1) creativiteit (4) crisis (7) dans (3) daten (6) demagogie (4) denken (12) denkfouten (5) deugd (8) deugdzaamheid (3) diagnose (7) dialoog (5) dieren (3) discipline (1) dooddoener (4) drama (2) drogredenen (4) drugsgebruik (6) DSM (5) dualisme (4) duurzaamheid (3) dwangstoornis (2) echt (6) eenheid (28) eenzaamheid (9) eerste indruk (1) ego (50) eigenschappen (3) eigenwaarde (4) emancipatie (9) emergentie (2) emotie (16) empathie (2) en-en (24) endogene depressie (3) energie (11) epidemie (1) ergernis (1) erkenning (6) ethiek (6) etiquette (7) euthanasie (2) evenwaardigheid (37) evolutie (21) extraversie (3) faalangst (1) fabel (1) facelift (1) filmpje (112) filosofie (16) flirten (1) fraude (10) Freud (3) functioneren (5) gebreken (1) gedrag (2) gedragsverandering (6) geduld (3) geest (4) geheugen (3) gekwetstheid (5) geld (7) gelijk hebben of gelijk krijgen (12) gelijkmoedigheid (4) geloven (17) geluk (49) genoeg (1) genot (1) Gestalt (1) Getuige (4) gevoelens (35) gezag (4) gezichtsverlies (2) gezondheid (8) gezondheidszorg (1) GGz (3) GHB (1) go with the flow (4) God (35) goedgelovigheid (5) gokken (1) grenzen (6) handleiding (1) hechting (2) hedonisme (1) heelheid (8) helderziendheid (1) hersenen (4) hier en nu (8) holisme (3) homoseksualiteit (1) hoofdzonde (3) hoogsensitiviteit (1) hufterigheid (2) hulpverlening (2) humor (16) ideaalbeeld (3) identificatie (9) identiteit (10) ik-boodschap (1) illusie (13) imago (6) individualisme (4) innerlijke vrijheid (14) integriteit (4) Intelligent Design (2) Internet (6) intuïtie (11) InZicht (12) islam (2) jaloezie (3) jeugd (1) jezelf worden en zijn (15) jongeren (3) karakter (2) katafatisch (1) kenmerken (3) kiezen (14) kind (13) kosten (1) kracht (5) Krishnamurti (2) kuddegedrag (2) kwakzalverij (2) kwaliteit (17) kwetsbaarheid (8) leegte (12) leiderschap (5) leugens (12) levensfase (3) levenskunst (5) levensstijl (1) levensvragen (3) levensweg (3) licht (3) liefde (104) liefdesverdriet (5) lijden (2) loslaten (19) lust (4) macht (27) machtsstrijd (5) magisch denken (6) man-vrouw verschillen (19) mannelijkheid (10) mannen (5) media (12) meditatie (15) memen (2) metafoor (2) metafysica (4) mildheid (1) milieu (1) mindfulness (3) misbruik (4) mobiel (1) model (1) moraliseren (4) motto (1) multitasken (1) mushotoku (2) mystiek (5) nabijheid (1) narcisme (5) natuur (3) negatieve (15) neti neti (4) neuroticisme (1) niet doen (25) NLP (1) non-duaal bewustzijn (3) non-dualiteit (36) occupybeweging (2) omdenken (4) omgangsregels (3) onderwijs (2) onderzoek (12) ongelukkig zijn (3) onmacht (4) ontrouw (1) ontwikkeling (11) onverwerkt kindertrauma (2) onzichtbaar (1) oordeel (17) opvoeding (10) orgasme (3) Osho (8) ouderen (4) overbelasting (1) overgave (5) overgewicht (1) overheid (3) overvloed (7) paradox (24) Pareto principe (1) partnerkeuze (5) passie (2) pedagogie (2) penisnijd (1) perfectie (3) personeelsbeleid (2) persoonlijkheid (6) persoonlijkheidsstoornis (4) pesten (4) Peter principle (2) pijnlichaam (8) politiek (17) positieve (12) privacy (1) processie (2) projectie (10) psychiatrie (7) psychofarmaca (2) psychose (2) psychotherapie (3) puberen (3) reductionisme (1) reïncarnatie (2) relatie (24) relatievaardigheid (7) remancipatie (1) respect (25) riagg (1) rijkdom (2) rol (4) romantiek (5) ruzie (6) samensmelten (10) schaamte (2) scheiden (3) schelden (1) schizofrenie (2) schouwen (4) schrijfdrang (2) schuld (5) sedatie (1) seks (24) seksuele voorlichting (1) selectie (4) sociale druk (2) solidariteit (1) somberheid (2) soulmate (1) spiegelogie (7) spijt (3) spiritualiteit (51) sport (1) spreekwoorden (1) sprong (2) statistiek (1) status (2) sterven (7) stigma (2) stilte (12) Stockholm-syndroom (1) straling (1) strategie (2) stress (6) synchroniciteit (8) Taoïsme (17) tederheid (1) Tegenwoordigheid (2) The Secret (4) The Work (1) therapeutische gemeenschap (1) therapie (2) tijdgeest (3) toeval (5) Tolle (22) transcenderen (6) transformatie (6) transparantie (3) trend (3) tunnelvisie (1) twijfel (6) UFO (1) verandering (3) verantwoordelijkheid (14) verbinding (31) vergeten (2) verlangen (7) verlatingsangst (1) verleiding (4) verlichting (16) verliefdheid (6) verlies (2) vermaatschappelijking (1) vermijding (1) vermoeidheid (2) verslaving (12) vertrouwen (17) verveling (2) verwerking (1) vicieuze cirkel (1) voeding (4) voelen (5) volgzaamheid (2) vooroordelen (1) vragenlijst (5) vrije wil (7) vrijen (4) vrijheid (84) vrouwelijkheid (4) waarheid (32) waarneming (8) ware (12) wezen (3) wijsheden (11) wilskracht (3) woede (4) wraak (1) wu wei (17) yin en yang (4) zelfbeheersing (5) zelfbevestiging (5) zelfbewustzijn (6) zelfdoding (5) zelfkennis (17) zelfkritiek (3) zelfoverschatting (4) zelfrealisatie (10) zelfvertrouwen (5) zelfverwerkelijking (1) zelfwaardering (5) Zen (3) ziel (15) Zijn (14) zin van het leven (9) zorgvuldigheid (5)

Zoeken in dit blog

Bronnen, links en reacties

Er wordt zoveel mogelijk naar de bron van een bericht gelinkt, maar wanneer deze is opgeheven wordt de link verwijderd.
Feedback en melding van onvolkomenheden zijn welkom en mogelijk via e-mail.

Disclaimer

Veel bijdragen op dit blog gaan over ongrijpbare begrippen als waarheid, vrijheid of liefde. Door onwaarheden te ontdekken die ons gevangen houden, kan waarheid meer zichtbaar worden en kunnen we ons bevrijden van de angst dat we afgescheiden zijn.
Vrij naar Wittgenstein: "van dat, waarover niet kan worden gesproken, zwijgen wij". Al het overige is bespreekbaar.
"In onwetendheid ben ik iets; in inzicht ben ik niets; in liefde ben ik alles" Rupert Spira.

Blogarchief