Getuige zijn
Over aanwezigheid zonder toe-eigening
Een getuige is geen toeschouwer. De toeschouwer houdt afstand om niet geraakt te worden. De getuige houdt afstand om het geziene te kunnen dragen.
Het verschil zit niet in de positie maar in de bereidheid.
Getuige zijn vraagt niets en tegelijk alles.
De getuige schept ruimte door er te zijn zonder het over te nemen. Dat is iets anders dan helpen. Helpen heeft een richting, een doel, een resultaat. Getuige zijn heeft alleen een aanwezigheid.
Vandaar de paradox: wie getuige is, verandert niets en verandert alles.
Compassie is de grondstof. Maar oneindige compassie bestaat niet zonder zelfverlies. De getuige weet dit. Hij wordt bewogen maar niet meegesleurd. Hij houdt voor zichzelf de ruimte open en over.
Dat is geen koelheid. Het is het onderhoud van de aanwezigheid zelf.
De getuige verdraagt het om enigszins vernietigd te worden door de nabijheid van de ander en staat daarna weer op het pad.
Nog steeds zichzelf.
Meer essays op bertstoop.nl.
Of deze boeken:
Etty Hillesum - "Het verstoorde leven".
De getuige bij uitstek. Aanwezig in het onverdraaglijke zonder erin te verdwijnen. Haar dagboeken zijn getuige zijn in de meest existentiële zin.
Martin Buber - "Ik en Jij".
Aanwezigheid zonder toe-eigening is precies het verschil tussen de Ik-Jij en de Ik-Het relatie. Buber beschrijft wat er gebeurt als je de ander niet gebruikt maar ontmoet.
Simone Weil - "Aandacht en genade".
Haar begrip van aandacht =attention- als de hoogste vorm van liefde: aanwezig zijn zonder iets te willen van wat je ziet. Weinig geschreven, veel gezegd.
Hartmut Rosa - "Resonantie".
De getuige als degene die de wereld laat spreken zonder haar te controleren.
