Posts tonen met het label wu wei. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wu wei. Alle posts tonen

Het nut van wakker liggen

Verkennen bij het ontwaken

In de vroege ochtend, wanneer het lichaam al wakker is maar het leven nog niet begonnen, bevindt het bewustzijn zich in een niemandsland. Niet meer slapend, nog niet handelend. Hier, in deze stille tussenruimte, krijgt het denken een andere toon. Geen strakke lijnen, geen taken, geen logische volgorde. Alleen het langzame oplichten van wat er al was, maar nog niet werd benoemd.

Filosofen, mystici en kunstenaars hebben dit soort grensmomenten altijd opgemerkt. Want in de marge van de dag openbaart zich iets wat zich overdag vaak schuilhoudt: zin die zichzelf nog niet heeft vastgelegd.

De vroege uren als vorm van zijn

Waar de rest van de dag draait om functioneren, plannen en reageren, zijn de ochtenduurtjes vóór het opstaan een tijd zonder doel. Dat maakt ze niet leeg, maar juist vol, op een subtiele manier. In termen van Heidegger zouden we kunnen zeggen: hier is nog sprake van Zijn vóór de dingen “voorhanden” worden. Je bent, zonder nog iets te willen zijn. Er is geen masker, geen project, geen zelfpresentatie.

In deze toestand -halfdroom, halfwakker- komt soms iets bovendrijven. Een gedachte, een herinnering, een ingeving. Maar zodra je die probeert te grijpen, lijkt ze zich weer terug te trekken. Het denken is hier dansend, zoals Nietzsche het wenste: niet marcherend naar een doel, maar spelend met wat opkomt.

De Franse filosoof Merleau-Ponty zou zeggen: dit is het denken in zijn pre-reflectieve vorm: vóór de geest het opdeelt, benoemt en tot actie dwingt. Een zuivere vorm van aanwezig-zijn, zonder de dwang tot betekenis.

Synchroniciteit en niet-zoeken

Er is een verwantschap tussen deze toestand en wat Jung beschreef als synchroniciteit: het optreden van zinvolle toevalligheden, waarin het innerlijke en het uiterlijke leven op mysterieuze wijze samenvallen. Het bijzondere is: synchroniciteit openbaart zich juist niet als je er actief naar zoekt. Integendeel, het is vaak pas in momenten van loslaten, van niet-weten, dat iets zich toont als “betekenisvol toeval”.

Zo werkt het ook met de vroege uren: wie ze wil gebruiken, dwingt ze in een vorm. Maar wie ze toelaat, zonder verwachting, zonder richting, zal misschien merken dat er juist dan iets komt. Niet als resultaat, maar als ontmoeting. Je zou kunnen zeggen: zin ontstaat niet door doelgerichtheid, maar door afstemming.

Deze afstemming vraagt om een houding die verwant is aan meditatie en het taoïstische wu wei: het niet-doen dat geen passiviteit is, maar een diep afgestemd laten-gebeuren. De vroege ochtend is een natuurlijke uitdrukking van deze houding. Je hoeft er niets voor te doen, behalve wakker te zijn, zonder al op te staan.

Lichtheid en de ondraaglijke zin

Maar wat betekent dit alles in het licht van de rest van de dag? Wat leert deze vroege staat van zijn ons over het bestaan dat volgt, over het leven in de drukte, met zijn doelen, verplichtingen en zoeken naar zin?

In De ondraaglijke lichtheid van het bestaan beschrijft Milan Kundera het leven als eenmalig, onherhaalbaar en daarmee licht. Maar die lichtheid wordt ondraaglijk wanneer we betekenis verwachten van iets dat geen fundament heeft. We worden moe van de vrijheid, niet omdat ze te groot is, maar omdat ze geen houvast biedt.

Overdag zijn we geneigd ons tegen die lichtheid te verzetten: door doelen te stellen, prestaties na te streven, onszelf voortdurend te verbeteren. Maar misschien is juist dát verzet de oorzaak van het gevoel dat alles hol is. We maken het bestaan ondraaglijk door het voortdurend te willen bezweren.

De vroege ochtend leert iets anders. Die laat zien dat het mogelijk is om lichtheid te verdragen, zolang we haar niet willen inkaderen. We kunnen dan bestaan zonder dat alles direct iets hoeft te zijn. Zonder dat elk moment betekenis moet hebben. Precies omdat het kan, niet omdat het moet.

Dutjes als onderbreking van de vanzelfsprekendheid

Het is dan ook geen toeval dat kunstenaars als Salvador Dalí en Thomas Edison deze grensstaat tussen slapen en waken bewust opzochten. Dalí nam korte dutjes met een sleutelbos in zijn hand. Zodra hij in slaap viel en zijn spieren ontspanden, viel de sleutelbos op de grond en wekte het geluid hem, net op het moment dat zijn geest openging naar het onbewuste. Edison deed iets vergelijkbaars met knikkers.

Wat zij deden, is meer dan een techniek: het is een gebaar. Een pauze in het lineaire verloop van de dag. Een weigering om mee te gaan in de logica van voortdurende output. Een dutje nemen is dan een daad van creatieve ontregeling. Niet om te rusten, maar om de vanzelfsprekendheid van de dag te breken en ruimte te maken voor iets anders: het onverwachte, het onbedoelde, het betekenisvolle zonder dat je weet waarom.

Misschien ligt daar de echte waarde van het ontwaken: niet in wat het oplevert, maar in wat het opent. Een ruimte zonder doel, waar het denken even mag zweven. Niet als ontsnapping, maar als herinnering aan wat het betekent om eenvoudigweg te zijn, licht, zinloos en tegelijk vol.

De kracht van verbinding in een wereld van gelijkheid

Liefde laten stromen


Liefde is veel meer dan een vluchtig gevoel - het is de fundamentele kracht die ons drijft om de wereld te verbeteren en onze relaties te verdiepen. Het vormt het fundament waarop we een betere toekomst kunnen bouwen. Maar hoe zorgen we ervoor dat liefde geen abstract begrip blijft, maar een levende energie wordt die ons dagelijks handelen doorstroomt?

Het fundament: vrijheid en gelijkheid


Om liefde werkelijk te laten stromen, hebben we eerst een stevig fundament nodig. Dit fundament rust op twee essentiële pijlers: vrijheid en gelijkheid oftewel evenwaardigheid. Deze principes, die niet toevallig centraal stonden in de Franse Revolutie, zijn cruciaal voor een samenleving waarin liefde kan gedijen.

Vrijheid geeft ons de ruimte om authentiek te zijn, om onze eigen keuzes te maken zonder anderen te beperken. Evenwaardigheid zorgt ervoor dat we elkaar kunnen ontmoeten als mensen van gelijke waarde, vrij van verstorende machtsdynamiek. Samen creëren deze waarden een vruchtbare bodem waarin liefde natuurlijk kan opbloeien.
Vrijheid en liefde zijn basis, middel en doel.

De kunst van het verbinden


Wanneer dit fundament er ligt, komt de volgende uitdaging: het cultiveren van echte verbinding. Verbinding is de brug waarover liefde kan stromen. Het stelt ons in staat om:
- elkaar werkelijk te zien en te erkennen
- gemeenschappelijke grond te vinden
- samen te groeien en te ontwikkelen.

Deze verbinding vraagt om twee belangrijke kwaliteiten:

  1. Geduld.

    We moeten geduldig zijn met onszelf en anderen. Echte verbinding ontstaat niet overnight - het heeft tijd nodig om te rijpen en zich te ontwikkelen.
  2. Wu wei.

    Dit oude Chinese concept betekent 'handelen zonder forceren'. Het nodigt ons uit om mee te bewegen met de natuurlijke stroom van het leven, zonder te duwen of te trekken. Vanuit deze houding kunnen we liefde geven zonder verwachtingen en ontvangen zonder angst.


Van theorie naar praktijk: kwaliteit in het dagelijks leven


Wanneer we dit fundament leggen en bewust werken aan verbinding, zien we de resultaten terug in de kwaliteit van ons dagelijks leven.
Liefde wordt zichtbaar in:
- de manier waarop we communiceren
- hoe we omgaan met uitdagingen
- de zorg die we besteden aan onze relaties
- de impact die we hebben op onze omgeving.

Dit is geen utopisch ideaal, maar een praktische realiteit die we stap voor stap kunnen vormgeven. Elke keer dat we kiezen voor vrijheid en gelijkwaardigheid, elke keer dat we investeren in echte verbinding, creëren we de voorwaarden waarin liefde kan stromen.

Naar een blijvend levende werkelijkheid


Liefde laten stromen is geen passief proces - het vraagt om bewuste aandacht voor de voorwaarden die het mogelijk maken. Door te bouwen aan een fundament van vrijheid en gelijkwaardigheid, en door actief te werken aan verbinding, creëren we een wereld waarin liefde niet alleen een mooi concept is, maar een levende werkelijkheid die ons hele leven doorstroomt.

Superioriteitsgevoelens en een taoïstische reactie

De neiging om zich boven de ander te stellen

Het idee van superioriteit –of het nu gaat om soort, ras, geslacht, afkomst, klasse of intelligentie– is een hardnekkig thema in de geschiedenis van de mens.

Hier is een ietwat droge opsomming als overzicht van belangrijke sociaalpsychologische aspecten van menselijke superioriteitsgevoelens en als contrast daaronder de taoïstische levenshouding en verwijzingen naar artikelen hierover via de labels.

1. Ingroup-outgroup bias

Mensen verdelen de wereld vaak automatisch in ‘wij’ en ‘zij’. Groepslidmaatschap geeft identiteit en veiligheid, maar kan ook leiden tot het denigreren van ‘de ander’.

2. Narcisme en egoversterking

Mensen hebben een natuurlijke neiging om zichzelf positief te zien. Dit kan doorslaan in collectief of individueel narcisme, met als psychologische wortels de behoefte aan zelfwaardering en controle.

3. Het ‘dominantiedrive’-model

De drang om status en macht te verwerven ligt evolutionair verankerd. Dit leidt tot hiërarchisch denken.

4. Antropocentrisme

Het idee dat de mens het centrum van de schepping is en superieur aan andere levensvormen, met als religieuze wortels onder meer in Genesis ("heerschappij over de dieren").

5. Projectie en zelfverheffing

Door negatieve eigenschappen op anderen te projecteren en zichzelf als ‘beter’ te zien, beschermen mensen hun zelfbeeld. Het denken hierover heeft een Freudiaanse oorsprong, maar wordt ook veel besproken in moderne psychoanalyse.

6. Morele superioriteit

Mensen voelen zich vaak moreel verheven ten opzichte van anderen of andere groepen.

7. Dehumanisering

De ander reduceren tot ‘iets minder dan mens’. Dit gebeurt bijvoorbeeld in oorlog, racisme, slavernij of dierenindustrie.

8. Ideologie en rechtvaardiging van macht

Superieur gedrag wordt vaak gelegitimeerd via ideologieën die ongelijkheid als ‘natuurlijk’ voorstellen (bijv. sociaal darwinisme, kolonialisme).

9. Vergelijkingsdrang en competitie

Mensen vergelijken zich voortdurend met anderen, wat leidt tot statusdrang en neerwaartse vergelijkingen.

10. Cognitieve dissonantie en rechtvaardiging van superioriteit

Wanneer gedrag niet strookt met zelfbeeld (bv. dieren eten terwijl je dierenvriend bent), zoeken mensen rationele rechtvaardigingen.


 

wu wei
Klik voor vergroting
Wat het taoïsme betreft, is een scherp contrast tussen de taoïstische levenshouding en de psychologische mechanismen die superioriteit in stand houden.

1. Niet-ingrijpen (wu wei) versus dominantie

  • Taoïsme: moedigt aan om niet geforceerd in te grijpen in natuurlijke processen, uit respect voor het grotere geheel.
  • Superieur gedrag: gaat vaak juist uit van het idee dat wij de natuur, anderen of situaties moeten beheersen.
  • Contrast: waar superioriteit voortkomt uit controlezucht, zoekt het taoïsme harmonie door loslaten.

 

2. Bescheidenheid versus zelfverheffing

  • Taoïstische deugd: bescheidenheid, zoals in de Daodejing: "Wie zichzelf verheft, zal worden vernederd".
  • Psychologische reflex van superioriteit: is juist om jezelf te onderscheiden ten koste van anderen.
  • Taoïstisch perspectief: een superieur iemand beseft zijn nietigheid en leeft dienend, niet heersend.

 

3. Eenheid van alle dingen versus hiërarchie

  • Taoïsme: benadrukt het onderlinge verweven zijn van alles – mens, dier, natuur, kosmos.
  • Superioriteit: impliceert een hiërarchisch wereldbeeld waarin de mens bovenaan staat.
  • Spanningsveld: superioriteit bouwt muren, het taoïsme zoekt verbinding zonder grens.

 

4. Onwetendheid als kracht versus weten als macht

  • Taoïstisch idee: diep inzicht komt juist uit het loslaten van weten. De wijze is niet degene die veel weet, maar die in staat is veel te vergeten.
  • Superieur denken: beroept zich vaak op kennis, wetenschap of technologie als rechtvaardiging voor overheersing.
  • Taoïstische waarschuwing: te veel weten maakt blind voor het eenvoudige.

 

5. De zachte kracht (yin) versus de harde wil (yang)

  • Taoïsme: waardeert het zachte, het ontvankelijke. Water is sterker dan steen omdat de stroom meebuigt.
  • Superioriteitsreflex: uit zich vaak in een nadruk op kracht, winnen, overtuigen, overwinnen.
  • Inzichten: de kracht van het niet-willen overheerst uiteindelijk het willen.

 

Tot zover de opsomming. Onderaan zijn via de Internetversie de labels mijn reacties te lezen op deze “fenomenen”.

 

Liefde stroomt wanneer je haar niet blokkeert

Voor de ervaring van liefde hoef je je niet uit te sloven

Ware liefde stroomt moeiteloos
Liefde is geen prestatie, geen strijd en geen verdienste. Het is een vrije stroming die aanwezig is zolang we haar niet in de weg zitten. Toch ervaren veel mensen liefde als iets moeilijks, iets wat verdiend, afgedwongen of beschermd moet worden. Dat komt niet omdat liefde zelf ingewikkeld is, maar omdat we haar vaak onbewust blokkeren. Wie leert zien wat liefde tegenhoudt, kan haar moeiteloos laten stromen.

Wat blokkeert liefde?

  1. Competitie: liefde als strijd
    Liefde gedijt niet in een sfeer van competitie. Wanneer liefde verandert in een strijd om erkenning, aandacht of macht, raakt ze vervormd. De vraag ‘Wie houdt er meer van wie?’ of ‘Wie geeft en wie ontvangt?’ verstoort de balans. In plaats van liefde te laten stromen, wordt ze een middel tot zelfbevestiging. Liefde vraagt geen concurrentie, maar openheid. Wanneer je observeert dat veel mensen liefde zoeken in een competitieve omgeving, is het belangrijk om zelf niet ook in competitie te gaan. Dit vraagt geduld: de neiging tot competitie vermijden of naar een omgeving gaan waar die competitie niet speelt. Je moet je kans afwachten en ondertussen jezelf bewust maken van de balans tussen doen en laten.
  2. Machtswellust: liefde als controle
    Liefde kan niet stromen als ze wordt ingezet om controle uit te oefenen. Wanneer liefde gepaard gaat met de drang om iemand te beheersen, te sturen of afhankelijk te maken, wordt ze verstikt. Werkelijke liefde is geen bezit en vraagt geen onderwerping. Ze verdwijnt zodra ze gebruikt wordt om macht over een ander te verkrijgen.
  3. Onevenwaardigheid: liefde zonder wederzijdse erkenning
    Liefde kan alleen bestaan wanneer er wederzijdse erkenning is. Wanneer de ene persoon zich verheven voelt boven de ander, of als er sprake is van een ongelijkwaardige relatie, raakt liefde vertroebeld. Werkelijke liefde ziet geen ‘meer’ of ‘minder’, maar alleen gelijkwaardigheid in de verbinding.

Hoe laat je liefde weer stromen?

De oplossing ligt niet in harder werken, maar in minder doen. Liefde hoeft niet geforceerd te worden; ze wordt zichtbaar zodra de obstakels verdwijnen. Dit vraagt een houding van wu wei, het niet-forceren:

  • Laat competitie los. Erken dat liefde geen strijd is die gewonnen kan worden.
  • Laat controle los. Zie in dat liefde niet groeit door beheersing, maar door vrijheid.
  • Laat onevenwaardigheid los. Ontmoet anderen als gelijken en laat liefde vrij bewegen zonder claim of verwachting.

Daarnaast vraagt dit bewustzijn over de balans tussen aangaan en loslaten van interactie met anderen. Jezelf trainen in deze balans voorkomt dat je zelf liefde blokkeert.

Liefde hoeft niet geconstrueerd, afgedwongen of geforceerd te worden.

Wie liefde ziet als iets wat gegenereerd of verdiend moet worden, legt zichzelf een onnodige last op. Liefde is als een rivier: ze stroomt vanzelf als er geen dammen zijn. Het enige wat nodig is, is bewustzijn over wat haar blokkeert en de moed om die blokkades los te laten.

De sprong in het vertrouwen en de stroom van evolutie

Op naar meer vrijheid, liefde en kwaliteit

Søren Kierkegaard beschreef de sprong in het vertrouwen als een existentieel moment waarop het individu losbreekt van gangbare conventies en zekerheid om zich over te geven aan een diepere waarheid. Dit concept, dat vaak in religieuze contexten wordt besproken, kan echter breder worden begrepen. Het raakt aan een universeel principe: de menselijke evolutie als beweging naar grotere vrijheid, diepere liefde en hogere kwaliteit van leven.

De sprong
Leap of faith
Evolutie is geen louter biologisch proces, maar ook een morele en spirituele ontwikkeling. Door de geschiedenis heen zijn mensen steeds bewuster geworden van de rechten en waarde van anderen – niet alleen van medemensen, maar ook van dieren en de natuur. Deze ontwikkeling vraagt niet alleen om rationele overwegingen, maar ook om een sprong in het geloof: een moment waarop iemand durft te kiezen voor een waarheid die misschien niet onmiddellijk door de omgeving wordt gedragen.

De sprong en de stroom

Hier komt een ander concept in beeld: het idee van meebewegen met de natuurlijke stroom van het leven, zoals bijvoorbeeld in het taoïstische wu wei wordt beschreven. Waar de sprong in het vertrouwen een radicale beslissing impliceert, benadrukt wu wei het belang van natuurlijkheid en moeiteloosheid. Op het eerste gezicht lijken deze principes tegengesteld, maar in werkelijkheid vullen ze elkaar aan.

De sprong is nodig wanneer bestaande structuren en gewoonten ons afhouden van wat wezenlijk is. De stroom is de natuurlijke beweging die daarop volgt: wanneer iemand de sprong heeft gemaakt, bijvoorbeeld door de stap naar een rechtvaardiger leven te zetten, ontstaat er een nieuwe vanzelfsprekendheid. Wat eerst onmogelijk leek, wordt een moeiteloze manier van zijn.

Vrijheid, liefde en kwaliteit

Wanneer deze dynamiek wordt toegepast op de evolutie van ethiek en bewustzijn, wordt duidelijk dat vrijheid, liefde en kwaliteit met elkaar verbonden zijn. Vrijheid groeit naarmate we beseffen dat onze keuzes verder reiken dan onszelf. Liefde wordt sterker naarmate we anderen –mens en dier– als intrinsiek evenwaardig beschouwen (vooral ook in hun recht op vrijheid). Kwaliteit ontstaat wanneer we niet alleen rationeel, maar ook gevoelsmatig en intuïtief inzien dat ons handelen in overeenstemming moet zijn met wat goed is.

Een ethiek die gericht is op vrijheid en liefde vereist zowel de bereidheid om te springen als het vermogen om mee te stromen. De sprong breekt met onrechtvaardige gewoonten; de stroom laat een nieuwe manier van leven wortel schieten. Dit proces geldt voor ieder individu, maar ook voor de mensheid als geheel.

Spring pas wanneer je weet hoe balans te houden

Een kind maakt voortdurend sprongen in en naar het leven. In eerste instantie stuit het daarbij op schijnbare onmogelijkheden, tot het ontdekt dat deze sprongen niet alleen om actie, maar ook om balans gaan. Dit besef groeit naarmate het leert dat vrijheid en ontwikkeling zowel doen als laten vereisen. Deze wisselwerking vormt de kern van groei, niet alleen bij het individu, maar ook bij de mensheid als geheel.

De oproep is dan ook om de uitdaging van het leven aan te gaan: durf te springen wanneer het moment daar is, en vertrouw erop dat de stroom je verder zal dragen. In deze wisselwerking ligt de sleutel tot een wereld waarin vrijheid, liefde en kwaliteit niet alleen idealen zijn, maar een realiteit die steeds meer vorm krijgt.

Zijn en zien in de wereld zonder stress

Projectie en zelfbescherming

We zien wat we willen zien, doordat we het beeld als het ware projecteren. Een deel van de redenen daarachter zal zijn uit zelfbescherming. We hadden vroeger in de wildernis onze ervaringen nodig om nieuwe gevaarlijke ontmoetingen uit de weg te kunnen gaan. Tegenwoordig hebben we er uiteraard niet alleen maar last van. Het spaart ook ongelooflijk veel energie om niet elke nieuwe situatie te moeten analyseren alvorens te moeten en kunnen reageren.

Filosofen over projecteren

Filosofen hebben door de eeuwen heen veel aandacht besteed aan dit fenomeen.

1. Kant: de bril van onze categorieën

Immanuel Kant stelde dat we de werkelijkheid nooit volledig "an sich" (zoals die op zichzelf is) kunnen kennen. Onze waarneming wordt altijd gefilterd door onze mentale categorieën, zoals tijd, ruimte en causaliteit. Deze filters helpen ons om orde te scheppen in de chaos van prikkels, maar ze beperken ook ons vermogen om objectief te zijn. Onze projecties zijn niet zomaar te vermijden zijn: ze vormen de lens waardoor we überhaupt kunnen zien.

2. Schopenhauer en de wil

Arthur Schopenhauer benadrukte de rol van de wil in hoe we de wereld interpreteren. Volgens hem kleuren onze verlangens en behoeften alles wat we waarnemen. Wat we "zien" is vaak een weerspiegeling van onze innerlijke drijfveren. We projecteren onze angsten en verlangens om met de wereld om te gaan, vaak zonder ons daarvan bewust te zijn.

3. Freud: projectie als verdedigingsmechanisme

Sigmund Freud bracht het idee van projectie explicieter in kaart in de psychologie. Hij zag projectie als een manier waarop mensen onacceptabele of onbewuste aspecten van zichzelf toeschrijven aan anderen of aan de buitenwereld. Dit kan zowel beschermen tegen psychisch ongemak als leiden tot misverstanden en vooroordelen.

4. Heidegger: zijn-in-de-wereld

Martin Heidegger benadrukte dat we altijd "ingeworteld" zijn in een context van betekenissen en verwachtingen. Voor Heidegger is onze ervaring van de wereld nooit een neutrale opname, maar altijd gekleurd door ons "zijn-in-de-wereld". We zien dingen zoals ze voor ons van belang zijn en niet zoals ze objectief zijn.

5. Fenomenologie: waarneming en subjectiviteit

Filosofen als Edmund Husserl en Maurice Merleau-Ponty onderzochten hoe onze waarneming actief wordt gevormd door onze ervaringen, het lichaam en onze sociale omgeving. Merleau-Ponty benadrukte dat waarneming geen passief proces is, maar een actieve interpretatie waarin onze verwachtingen en eerdere ervaringen een grote rol spelen.

Balans tussen projectie en reflectie

Hoewel projecties vaak nuttig en energiebesparend zijn, zoals je opmerkt, pleitten veel filosofen voor zelfreflectie om ons bewust te worden van onze projecties. Door te erkennen dat we niet puur objectief zijn, kunnen we leren onze waarnemingen te nuanceren. Dit is belangrijk in interpersoonlijke relaties, maar ook in hoe we ons verhouden tot kennis en de wereld.

Praktische toepassingen bij het inzicht

Het bewustzijn van onze projecties en interpretaties biedt praktische toepassingen in verschillende aspecten van het leven. Hier zijn een aantal nuttige invalshoeken.

1. Interpersoonlijke relaties

  • Empathie ontwikkelen
    Door te erkennen dat we vaak onze eigen angsten, wensen of vooroordelen op anderen projecteren, kunnen we meer ruimte maken voor wat de ander echt voelt of bedoelt. Vragen als "Wat bedoel je precies?" of "Hoe zie jij dat?" helpen om misverstanden te voorkomen.
  • Conflictvermijding
    Veel conflicten ontstaan doordat mensen elkaars gedrag verkeerd interpreteren. Door je eigen projecties te herkennen, kun je situaties objectiever beoordelen en beter communiceren.

2. Persoonlijke ontwikkeling

  • Zelfreflectie
    Neem de tijd om te onderzoeken waarom bepaalde situaties of personen sterke emoties bij je oproepen. Vaak ligt daar een projectie aan ten grondslag, die iets onthult over je eigen onzekerheden of behoeften.
  • Bewust omgaan met interpretaties
    Stel jezelf regelmatig de vraag: "kijk ik naar de situatie zoals die is, of zoals ik wil dat die is?". Dit kan je helpen om betere beslissingen te nemen.

3. Besluitvorming

  • Nuance in oordelen
    In werk of andere situaties waarin je beslissingen moet nemen, is het nuttig om je bewust te zijn van de invloed van eerdere ervaringen. Stel vragen als: "baseer ik dit besluit op feiten of op verwachtingen die ik zelf heb gecreëerd?".
  • Betere risico-inschatting
    Zeker bij complexe problemen kan het bewust checken van je projecties je helpen om minder impulsief en meer rationeel te handelen.

4. Onderwijs en opvoeding

  • Leren van kinderen
    Kinderen spiegelen ons vaak onze eigen projecties. Als een kind "moeilijk gedrag" vertoont, kan het nuttig zijn te vragen: "hoe beïnvloedt mijn verwachting of houding dit gedrag?".
  • Zelfstandigheid bevorderen
    Door kinderen te leren dat hun interpretaties niet altijd objectief zijn, help je hen om kritisch en reflectief te denken.

5. Maatschappelijke impact

  • Vooroordelen en stereotypen
    Veel maatschappelijke vooroordelen zijn het gevolg van collectieve projecties (bijvoorbeeld "de ander is gevaarlijk"). Bewustwording hiervan kan bijdragen aan tolerantie en begrip.
  • Media-analyse
    In een tijdperk waarin we overspoeld worden door informatie, kan kritisch kijken naar de projecties in nieuws of reclame helpen om beter onderscheid te maken tussen feiten en framing.

6. Mindfulness en meditatie

  • Observeren zonder oordelen
    Meditatieve technieken, zoals mindfulness, helpen je om projecties te herkennen zonder eraan vast te houden. Je kunt leren om gedachten en interpretaties voorbij te laten gaan zonder ze direct als waarheid aan te nemen.
  • Bewust reageren in plaats van automatisch handelen
    Mindfulness versterkt je vermogen om eerst te observeren en daarna pas te reageren, wat helpt bij het doorbreken van automatische projecties.

Observeren als een vaardigheid

Een nuttige toepassing van deze inzichten is het cultiveren van een "waarnemend bewustzijn": een houding waarin je niet meteen reageert, maar eerst observeert wat je eigen interpretatie is en hoe die je reactie beïnvloedt. Hierdoor kun je bewuster, effectiever en met meer compassie handelen.
Mindfulness wordt soms verkeerd begrepen of gebruikt, vooral in onze prestatiegerichte maatschappij. Het kan worden ingezet als een "hulpmiddel" om productiever te zijn, wat paradoxaal genoeg de stress juist kan vergroten. Dit is een misvatting van de oorspronkelijke bedoeling van mindfulness, die niet gericht is op presteren, maar op zijn.

De paradox van mindfulness in een prestatiecultuur

  • Wat er mis kan gaan
    Wanneer mindfulness wordt ingezet als een trucje om efficiënter te werken of sneller te ontspannen, blijft het binnen dezelfde prestatielogica die stress veroorzaakt. Mensen proberen het "perfect" te doen, wat de druk verhoogt.
  • Wat het hoort te zijn
    Mindfulness draait om het volledig aanwezig zijn in het moment, zonder oordeel of doel. Het is geen middel, maar een manier van leven waarin je ruimte maakt voor wat er nu is, inclusief ongemak of stress.
  • Mindfulness als tegengif voor prestatiedrang
    Wanneer mindfulness juist wordt toegepast, kan het juist helpen om los te komen van het constante streven. 

Hier zijn enkele manieren waarop het als tegengif kan werken.

  1. Niet-doen en wu wei
    Het gaat om het loslaten van de drang om altijd iets te "fixen" of te verbeteren. In plaats van te proberen stress weg te duwen, kun je oefenen in accepteren dat het er is, zonder erdoor overspoeld te raken.
  2. Ruimte maken voor ongemak
    Mindfulness leert je om ongemak –zoals spanning of onrust– niet te bestrijden, maar er met nieuwsgierigheid naar te kijken. Bijvoorbeeld: in plaats van jezelf te pushen om stress snel op te lossen, kun je denken: wat vertelt deze stress me? Dit kan verrassend verhelderend werken.
  3. Loslaten van doelgerichtheid
    In plaats van mindfulness te zien als een prestatie, kun je het integreren in simpele momenten, zoals op de volgende manieren.
  • Aandacht schenken aan je ademhaling, zonder deze te veranderen.
  • Bewust een kop thee drinken en de geur, smaak en warmte ervaren.
  • Wandelen zonder eindbestemming, maar met aandacht voor wat je voelt en ziet.
4. Reflectie op grenzen
Mindfulness biedt de mogelijkheid om je eigen grenzen te leren herkennen en respecteren. Het helpt je inzien wanneer je in een productieve overdrive zit en wat je werkelijk nodig hebt: rust, verbinding of niets-doen.

Mindful leven in plaats van mindful "doen"

Het verschil zit vaak in zijn in plaats van doen. Een praktische oefening om dit te versterken is om elke dag een moment in te bouwen waarin je letterlijk niets "hoeft". Stel jezelf vragen als de volgenden.

  • Wat voel ik nu, zonder er iets mee te doen?
  • Hoe beweegt mijn lichaam vandaag?
  • Wat gebeurt er als ik mezelf de ruimte geef om gewoon te zijn?

Een vredig en bevredigend resultaat

Mindfulness kan een tegenwicht bieden aan de prestatiedrang als het loskomt van het idee dat het iets moet "opleveren". Het is een manier om jezelf toe te staan te zijn in plaats van te moeten presteren, zelfs als dat betekent dat je de stress niet meteen oplost. Juist door die acceptatie ontstaat een diepere rust.

Geluk is weten wanneer wel en wanneer niet te handelen

Niet niets doen maakt gelukkig maar te weten wanneer niet te doen

"Het ceremonieel van de inactiviteit betekent: wij doen wel wat, maar om niets. Dit om-niets, deze vrijheid van doel en nut vormt de essentie van de inactiviteit. Het is de basisformule van het geluk."

Dit citaat is het einde van een bewerkt fragment dat Filosofie Magazine publiceerde uit Vita contemplativa, een pleidooi voor inactiviteit (bol.com) van Byung-Chul Han.

Byung-Chul Han, een invloedrijke cultuurfilosoof, heeft een scherpe diagnose gesteld van de hedendaagse samenleving. Hij beschrijft hoe de drang naar overproductiviteit ons vervreemdt van rust en reflectie. Zijn antwoord op deze problematiek is eenvoudig: nietsdoen. In het nietsdoen ziet Han een tegenwicht tegen de uitputtende dynamiek van een maatschappij die voortdurend vraagt om meer, sneller en beter. Hoewel deze observatie treffend is, maar misschien is niet doen effectiever dan alleen maar niets doen. Het nietsdoen helpt misschien ook, maar niet voldoende bevredigend. Een hoger bewustzijnsniveau, zoals toegepast in het concept van wu wei, biedt een veelbelovender pad naar geluk door vrijheid en zelfliefde met elkaar te verbinden.

De kracht en beperking van nietsdoen

Han ziet in nietsdoen een daad van verzet. Door de rust van inactiviteit te omarmen, wordt het individu bevrijd van de dictatuur van productiviteit. Dit nietsdoen is echter geen puur passieve staat. Het is een vorm van contemplatie, een ruimte voor reflectie en het hervinden van zichzelf. Het is zeker waar dat in een wereld die overloopt van impulsen en verplichtingen, het nietsdoen een noodzakelijke oase kan zijn. Het biedt de kans om te ontsnappen aan de constante eisen van onze tijd.
Maar juist in deze passieve benadering schuilt de beperking. Nietsdoen alleen leidt niet noodzakelijk tot vervulling. Het kan een gevoel van leegte achterlaten, een vacuüm waarin het individu zich afvraagt: “En wat nu?”. De uitdaging ligt niet alleen in het ontsnappen aan de hectiek, maar ook in het vinden van een positieve, bewuste manier om het eigen leven vorm te geven. Dit is waar het concept van wu wei een stap verder gaat.

Wu wei: handelen zonder dwang

Wu wei, geworteld in de taoïstische filosofie, betekent letterlijk “niet-handelen”, maar het verwijst eerder naar handelen zonder forceren, oftewel niet doen. Het is de kunst om in harmonie met de natuurlijke stroom van het leven te handelen, zonder weerstand of overbodige inspanning. Go with the flow.
Dit concept voegt een cruciale dimensie toe aan het idee van nietsdoen: het weten wanneer te handelen en wanneer te laten. Het vraagt om een bewustzijnsniveau waarin intuïtie en reflectie samenkomen om natuurlijke, moeiteloze beslissingen te nemen.
In tegenstelling tot het passieve nietsdoen, biedt wu wei een dynamische balans. Het stelt ons in staat om liefde voor onszelf en respect voor onze vrijheid te verenigen. Door bewust te kiezen voor actie of inactie (zwijgen), erkennen we onze eigen behoeften en verlangens, terwijl we tegelijkertijd ruimte laten voor rust en reflectie. Wu wei maakt het mogelijk om niet alleen te ontsnappen aan de druk van overproductiviteit, maar ook om onze vrijheid en zelfliefde actief te cultiveren.

Vrijheid en zelfliefde: de essentie van geluk

Vrijheid van en tot

Op het niveau van wu wei komt vrijheid ook samen met zelfliefde. Vrijheid wordt niet langer ervaren als een afwezigheid van verplichtingen, maar als de mogelijkheid om te handelen in overeenstemming met onze diepste waarden en intuïtie. Zelfliefde, in deze context, is geen egoïstisch genot, maar een diepe acceptatie van wie we zijn en wat we nodig hebben. Deze verbinding maakt een duurzame vorm van geluk mogelijk, een die niet afhankelijk is van externe omstandigheden, maar geworteld is in een innerlijke balans.

Byung-Chul Han’s oproep tot nietsdoen is een waardevol beginpunt. Het herinnert ons eraan hoe noodzakelijk het is om te pauzeren in een wereld die ons dwingt om voortdurend vooruit te rennen. Maar het nietsdoen biedt slechts een tijdelijke verlichting. Voor een diepgaand en duurzaam gevoel van geluk is een hoger niveau van bewustzijn nodig. Wu wei nodigt ons uit om dat niveau te bereiken door ons handelen en niet-handelen in harmonie te brengen met onze innerlijke behoeften.

Wanneer we goed voor ons zelf zorgen kunnen we om-niet (onvoorwaardelijk) de liefde die we over hebben naar een ander laten stromen.

De wijsheid van tijdig evenwicht voorbereiden

De symbolische waarde van The Fool

De Tarotkaart The Fool wordt vaak gezien als het symbool van onschuld, spontaniteit en het onbekende. Maar achter zijn ogenschijnlijke zorgeloosheid schuilt een diepere wijsheid: de kunst van het leven in het moment, met een doordacht evenwicht tussen vrijheid en verantwoordelijkheid. Zijn houding weerspiegelt niet louter een naïeve sprong in het diepe, maar eerder een innerlijke voorbereiding die hem in staat stelt het onbekende tegemoet te treden zonder angst.

Voorbereiding zonder forceren

Een veelgeciteerde uitspraak van Laozi, "Doe het moeilijke terwijl het nog gemakkelijk is", sluit naadloos aan bij de essentie van The Fool. Hij wacht niet passief af, maar cultiveert in kleine, onschuldige situaties de balans tussen nabijheid en afstand, spontaniteit en bedachtzaamheid. Op die manier kan hij zich vrij bewegen zonder roekeloosheid, want zijn vertrouwen is geworteld in ervaring. Deze houding voorkomt dat moeilijke situaties ontstaan, in plaats van ze achteraf te moeten herstellen.

Wu wei en respectvolle spontaniteit

The Fool belichaamt het principe van wu wei, het handelen door niet te forceren. Dit betekent niet dat hij niets doet, maar dat hij beweegt met de stroom van het leven. Hij vertrouwt erop dat situaties zich vanzelf in evenwicht houden, zolang zijn intentie zuiver is. Hierdoor kan hij op een natuurlijke manier met anderen omgaan, zonder geforceerde controle. Mensen nemen een onhandige opmerking van hem minder snel kwalijk, omdat deze voortkomt uit een spontane, authentieke houding.

Vrijheid en liefde als evenwicht

De levenshouding van The Fool laat zien dat vrijheid en liefde samen groeien door een subtiele oefening in het dagelijks leven. Vrijheid zonder liefde zou leeg zijn, en liefde zonder vrijheid verstikkend. Wie deze balans oefent, hoeft niet te wikken en wegen in moeilijke situaties, maar past het als vanzelf toe. Zo ontstaat een vorm van spontane harmonie, waarbij de juiste keuzes voortkomen uit een diepgevoeld respect voor zowel het eigen pad als dat van anderen.

De sprong die geen sprong is

In veel Tarotafbeeldingen staat The Fool op het randje van een afgrond, maar hij springt niet. Hij is niet roekeloos, hij leeft eenvoudigweg zonder de last van overmatige controle. Dit is een cruciaal onderscheid: zijn vrijheid is niet een ondoordachte daad, maar een gevolg van een innerlijke houding die hem in staat stelt elke situatie met openheid en vertrouwen tegemoet te treden. Hij laat het leven zich ontvouwen, omdat hij weet dat hij zich heeft voorbereid, niet door rigide plannen, maar door een natuurlijke verfijning van zijn instinct.

Zorgvuldige zorgeloosheid

The Fool is meer dan een dwaas die blind het onbekende instapt. Hij is een symbool van een leven waarin spontaniteit en wijsheid hand in hand gaan. Zijn zorgeloze houding is geen naïviteit, maar een vorm van vertrouwen die voortkomt uit een subtiele, voortdurende oefening in respect en balans. Zo verbeeldt The Fool dat ware vrijheid niet ontstaat door loslaten zonder richting, maar door het vinden van een moeiteloze afstemming met het leven zelf.

De kunst van niet-doen: een moraal van terughoudendheid

Niet alle wijsheid wordt uitgedrukt in handelen

In een wereld waarin actie vaak als de standaard wordt gezien, verdient het concept van niet-doen meer aandacht. Niet-doen is geen passiviteit, geen opgelegd verbod en geen onverschilligheid. Het is een bewuste keuze om iets niet te doen, juist omdat dat in een bepaalde situatie het meest ethische of effectieve is. Dit vraagt om onderscheid tussen drie vormen van handelen: niet-doen, wel doen en niets doen.

Het handelen omdenken
Veel mensen verwarren niet-doen met niets doen, of beschouwen het als zwak en besluiteloos. Anderen hebben moeite om niet-doen toe te passen, omdat ze lijden onder een diepgewortelde controledwang of een of-of-denken waarin maar één oplossing kan bestaan. Dit artikel beschrijft hoe niet-doen een volwaardige ethische keuze kan zijn en hoe het en-en denken daarbij een sleutelrol speelt.

Niet-doen versus niets doen en wel doen

Om te begrijpen waarom niet-doen krachtig is, moeten we het scherp onderscheiden van de twee andere opties.

  • Wel doen betekent actief handelen. Dit is vaak noodzakelijk en wenselijk, bijvoorbeeld bij hulp aan iemand in nood of het nemen van verantwoordelijkheid in een moeilijke situatie.
  • Niets doen is het tegenovergestelde: we doen niets wanneer we ons niet verantwoordelijk voelen of denken dat het niet effectief is, dat ons handelen niet uitmaakt. Het kan echter ook een uiting zijn van onverschilligheid, luiheid of vermijding. Dit is vaak een vorm van passiviteit die voortkomt uit angst of desinteresse.
  • Niet-doen is een bewuste keuze om niet in te grijpen. Dit kan uit wijsheid voortkomen, bijvoorbeeld door geen conflict te voeden of ruimte te geven aan een natuurlijke ontwikkeling zonder te forceren.

Niet-doen betekent dus niet dat je geen invloed hebt, maar dat je invloed subtieler en minder dwingend uitoefent. Het is een vorm van ethische terughoudendheid die vraagt om bewuste reflectie.

Niet-doen als natuurlijke keuze

Niet-doen is niet alleen een menselijke overweging, maar ook een fundamenteel principe in de natuur. Dieren maken voortdurend beslissingen waarin niet-doen de meest verstandige keuze is. Een roofdier jaagt niet als het geen honger heeft, een vogel blijft stil zitten als er gevaar dreigt, en veel diersoorten vermijden onnodige conflicten om energie te sparen. In de natuur is niet-doen vaak een instinctieve vorm van wijsheid: het voorkomt verspilling van energie en vermindert risico’s.

Ook mensen kunnen leren van deze natuurlijke manier van afwegen. Niet elke situatie vraagt om een directe actie; soms is geduld of afwachten de beste optie. Door te erkennen dat niet-doen vaak de meest natuurlijke keuze is, wordt het gemakkelijker om deze benadering toe te passen zonder schuldgevoel of het idee dat men tekortschiet.

Controledwang en de illusie van beheersing

Veel mensen ervaren een diepgewortelde drang om situaties te beheersen. Dit komt voort uit de angst dat zonder ingrijpen alles misgaat. De moderne maatschappij stimuleert dit denken: leiderschap wordt vaak gezien als daadkracht, en afwachten als zwakte. Toch leidt een teveel aan controle vaak tot stress en ongewenste neveneffecten.

Niet-doen biedt een alternatief. Het laat ruimte voor het natuurlijke verloop van zaken, zonder de illusie dat alles perfect gecontroleerd moet worden. Dit betekent niet dat men nooit ingrijpt, maar dat men alleen ingrijpt wanneer dat werkelijk nodig is. Een tuinier snoeit een plant niet voortdurend, maar weet precies wanneer en hoe hij moet ingrijpen om de plant te laten floreren.

En-en denken als brug naar niet-doen

Veel mensen zoeken naar dé juiste oplossing en kiezen tussen actie of inactie. Dit is een voorbeeld van of-of denken, waarbij men zich gedwongen voelt om één keuze te maken. Niet-doen vraagt om een en-en denken: het erkennen dat verschillende benaderingen naast elkaar kunnen bestaan.

Een voorbeeld hiervan is luisteren in een gesprek. Wie gewend is aan actie, voelt zich verplicht om meteen met adviezen te komen. Maar soms is luisteren – zonder direct iets te doen – veel effectiever. Niet-doen betekent hier niet dat men niets doet, maar dat men op een andere manier aanwezig is.

En-en denken maakt het mogelijk om niet-doen te combineren met actie op andere momenten. Wie niet-doen begrijpt, weet wanneer het tijd is om te handelen en wanneer het beter is om af te wachten.

De morele dimensie van niet-doen

Niet-doen heeft niet alleen praktische, maar ook morele implicaties. In een samenleving waarin men elkaar voortdurend beoordeelt op productiviteit en daadkracht, kan niet-doen een bewuste ethische keuze zijn om ruimte te geven aan anderen. Dit vraagt om:

  • zelfreflectie: wanneer is ingrijpen echt nodig en wanneer is het beter om af te wachten?
  • respect voor de autonomie van anderen: niet alles hoeft gestuurd of gecontroleerd te worden.
  • loslaten van de drang om direct resultaat te zien: sommige processen hebben tijd nodig om zich op natuurlijke wijze te ontvouwen.

Niet-doen betekent niet dat men geen verantwoordelijkheid neemt, maar dat men verantwoordelijkheid anders benadert. In plaats van de wereld te forceren in een bepaalde richting, laat men ruimte voor wat zich organisch ontwikkelt.

Bewustwording

Niet-doen is een onderschatte en vaak misbegrepen vorm van handelen. Het is geen passiviteit en geen excuus om weg te kijken van verantwoordelijkheid. Integendeel, het vraagt om een hoge mate van bewustzijn en inzicht in de dynamiek van een situatie. Door het onderscheid helder te maken tussen niet-doen, wel doen en niets doen, ontstaat een ethiek die meer ruimte laat voor nuance, flexibiliteit en wijsheid.

In een tijd waarin controledwang en de zoektocht naar eenduidige oplossingen overheersen, biedt niet-doen een waardevol alternatief. Het is de kunst om precies dát niet te doen wat onnodig is, en zo bij te dragen aan een meer gebalanceerde en bewuste samenleving.

De filosofie achter de moraal van niet doen

Wat in dit artikel wordt geschetst, raakt aan een moraalfilosofie die gebaseerd is op negatieve ethiek: een ethiek die niet voorschrijft wat men moet doen, maar eerder bewustzijn creëert over wat men kan laten. Dit sluit aan bij de apofatische methode (via negativa) in de theologie en filosofie, waarbij men niet definieert wat het goede is, maar eerder aanwijst wat het niet is. Het idee van niet-doen (wu wei) uit het taoïsme speelt hierin een rol: het is geen passiviteit, maar een handelen vanuit afstemming en minimalisme, zodat het natuurlijke verloop van dingen niet verstoord wordt.
Het sluit ook aan de Gouden Regel: wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.

Filosofen die met deze insteek werkten zijn de volgenden


  1. Laozi en Zhuangzi (Taoïsme)

Wu wei als ethiek: door niet ingrijpen kunnen natuurlijke processen en individuen zich vrij ontwikkelen. Ethiek ontstaat uit afstemming met de Dao, niet door opgelegde regels.

  1. Levinas (negatieve ethiek in de ontmoeting)

Ethiek als ontmoeting: in plaats van morele voorschriften op te leggen, ontstaat verantwoordelijkheid in het gelaat van de ander. Hierin zit een zekere terughoudendheid (apofatisch), omdat ethiek niet dwingend is maar een openheid vraagt.

  1. Simone Weil (de kracht van niet-handelen)

Weil beschrijft dat echte morele kracht ligt in aandacht en niet-willen (de afwezigheid van egoïstische drang). In plaats van de ander te beheersen, vraagt ware ethiek om ontvankelijkheid.

  1. Karl Popper (negatief utilitarisme)

Zijn negatieve ethiek stelt dat we niet moeten streven naar het 'grootste geluk voor de grootste groep', maar eerder moeten proberen zoveel mogelijk lijden te vermijden. Dit sluit aan bij een ethiek van niet-doen: door geen schade toe te brengen, dragen we bij aan een betere wereld.

  1. Adorno (kritiek op moraal als systeem)

Adorno verzet zich tegen vaste morele systemen en pleit voor een negatieve dialectiek: ethiek moet ontstaan door kritiek op wat onderdrukt en beperkt. Hier zit een apofatisch element in, omdat hij liever blootlegt wat verkeerd is dan een kant-en-klaar alternatief biedt.

Op dit blogspot veel artikelen over het belang van wu wei, niet doen, via negativa en toepassing van apofatisch denken. Vind deze via de labels in de Internetversie.

 

Het voordeel van niet de mooiste en de beste te zijn

Er zijn ook nadelen voor wie in de aandacht staat

In een wereld waarin schoonheid, kracht en snelheid vaak worden verheerlijkt, lijkt het voor de hand te liggen dat degenen die als aantrekkelijk worden beschouwd, een voorsprong hebben. Ze krijgen meer aandacht, worden sneller bewonderd en lijken op het eerste gezicht succesvoller. Maar deze uiterlijke kwaliteiten brengen ook een verborgen last met zich mee: de onzekerheid over de reden waarom ze aandacht krijgen. Wat iemand aantrekkelijk maakt, kan ook een bron van twijfel en kwetsbaarheid zijn. Is de bewondering oprecht, of slechts oppervlakkig? En zou deze aandacht blijven bestaan als de uiterlijke kenmerken verdwijnen?

De onzekerheid van aantrekkelijkheid

Aantrekkelijke mensen worden vaak geconfronteerd met een vraag die minder zichtbare mensen zich minder snel hoeven te stellen: ben ik geliefd om wie ik ben, of om hoe ik eruitzie? Deze vraag kan leiden tot een diepgewortelde onzekerheid. Het is moeilijk om onderscheid te maken tussen echte waardering en oppervlakkige bewondering. Bovendien kan deze voortdurende aandacht een druk creëren om altijd aan verwachtingen te voldoen. Het behouden van een ideaalbeeld wordt een last die anderen hen vaak niet toedichten.
De paradox is dat uiterlijke aantrekkelijkheid, hoewel een maatschappelijk voordeel, vaak een barrière vormt voor het ervaren van diepe, onvoorwaardelijke verbindingen. Het maakt dat de aantrekkelijkheid zelf een soort filter wordt, waardoor het moeilijker wordt om te zien wie echt om hen geeft.

Het tweede plan is een plek van vrijheid


Mensen die niet in het middelpunt van de aandacht staan, ervaren daarentegen vaak een andere dynamiek. Hun vriendschappen en relaties worden minder gefilterd door uiterlijke schijn en meer bepaald door oprechte connectie. Wanneer een minder opvallend persoon vriendelijk en warm is, is de aandacht die zij krijgen meestal authentiek en gebaseerd op hun innerlijke kwaliteiten.
Er schuilt een enorme kracht in deze positie. Het tweede plan biedt vrijheid: de vrijheid om niet te moeten voldoen aan idealen en verwachtingen die anderen opleggen. Deze mensen hebben vaak een duidelijker beeld van wie ze zijn en worden gewaardeerd om hun echtheid. Ze hoeven niet voortdurend te twijfelen aan de motivatie achter de aandacht die ze krijgen.

De schoonheid van wat je niet doet

Een andere kracht van het tweede plan is de ruimte om te kiezen wat je niet doet. In lijn met het Taoïstische idee van wu wei, het niet-handelen, ligt er een diepe waarde in het bewust afzien van bepaalde acties. Je bent niet van minder waarde en je hebt ook niet minder rechten.
Minder opvallende mensen hoeven zich minder te bewijzen en kunnen zich richten op het ontwikkelen van hun innerlijke kwaliteiten. Wat zij niet doen –niet concurreren, niet oordelen, niet meeslepen in jaloezie– draagt bij aan een kalm en vervuld leven.
Wat je niet doet, is echter vaak onzichtbaar voor anderen. Niemand ziet de momenten waarop je ervoor kiest om stil te blijven, om niet in conflict te raken of om niet te handelen vanuit jaloezie. Maar deze keuzes zijn juist het fundament van een authentiek leven. Ze laten zien dat geluk en rust voortkomen uit innerlijke harmonie, niet uit externe erkenning.

De aantrekkelijkheid van een minder opvallend leven

Het besef dat aantrekkelijk zijn zowel voordelen als onzekerheden met zich meebrengt, kan helpen om jaloezie te relativeren. Minder opvallende mensen hebben toegang tot een unieke vrijheid en authenticiteit die aantrekkelijke mensen vaak moeten bevechten. Door te focussen op de kracht van vriendelijkheid, echtheid en wat je niet doet, ontstaat een diepe rust en een vreugde die niet afhankelijk is van uiterlijkheden.
De schoonheid van het tweede plan is niet altijd zichtbaar, maar het is er wel. Het is een stille, krachtige aanwezigheid die niet schreeuwt om aandacht, maar juist rust vindt in de eenvoud van zijn. Dit besef kan een mens gelukkig maken, zelfs in een wereld die vaak gefocust is op het zichtbare en het opvallende.

De wanhopige zoektocht naar ‘goed genoeg’

Het betere als vijand van het goede

Het streven naar perfectie lijkt op het eerste gezicht nobel: een poging om het beste uit onszelf te halen, om waardering te verdienen en betekenis te geven aan ons bestaan. Maar voor sommigen wordt het een wanhopige zoektocht, een eindeloze strijd om zichzelf “goed genoeg” te vinden. Ze plaatsen de bron van erkenning buiten zichzelf, in een persoon, een doel, of een ideaalbeeld. Het verlangen om perfectie te bereiken wordt zo allesoverheersend dat het uitzicht op een andere uitweg verdwijnt en wanhoop de overhand krijgt.

De gevaarlijke fixatie op perfectie

In Goethe’s Die Leiden des jungen Werthers zien we de tragische gevolgen van zo’n fixatie. Werther projecteert zijn behoefte aan erkenning volledig op Charlotte, een vrouw die niet beschikbaar is. Zijn liefde is niet alleen onbeantwoord, maar ook geïdealiseerd: hij ziet in haar de sleutel tot zijn geluk, zijn waardigheid, zijn bestaansrecht. Wanneer die illusie onhoudbaar wordt, verdwijnt voor Werther ook de hoop op een ander leven. Zijn wanhoop groeit uit tot een allesbepalende kracht, die hem uiteindelijk naar zelfdoding drijft.

Een vergelijkbare dynamiek speelt zich af in Tolstoj’s Anna Karenina. Anna’s obsessie met Vronski -haar minnaar en vermeende redder uit een ongelukkig huwelijk- wordt haar enige houvast. Haar geluk, haar identiteit en zelfs haar gevoel van eigenwaarde worden volledig afhankelijk van zijn bevestiging. Maar geen enkele persoon kan die allesomvattende last dragen. Anna's wanhoop groeit en haar onvermogen om zichzelf te accepteren leidt haar naar de uiterste consequentie. Beide verhalen laten zien hoe het najagen van perfectie, buiten jezelf en bij een ander, een destructieve gevangenis kan worden.

De illusie van ‘goed genoeg’

Deze fictieve tragedies weerspiegelen een universele worsteling: de angst dat we niet voldoen, dat we niet waardevol genoeg zijn zonder perfectie. Dit perfectionisme ontstaat vaak uit een diepgewortelde behoefte aan erkenning, geworteld in de overtuiging dat we eerst iets of iemand moeten “verdienen” voordat we er mogen zijn. Zoals Brené Brown beschrijft in The Gifts of Imperfection, is deze zoektocht naar ‘goed genoeg’ een valstrik. Perfectie is niet alleen onbereikbaar; het is ook een illusie die ons vervreemdt van onszelf. De echte sleutel tot verbondenheid en betekenis ligt in het accepteren van onze imperfecties.

Psycholoog Viktor Frankl benadrukte in Man’s Search for Meaning dat betekenis in het leven niet wordt gevonden in externe omstandigheden, maar in de manier waarop we die omstandigheden benaderen. Zelfs in de meest erbarmelijke situaties ontdekte Frankl dat wie zichzelf accepteert zoals hij is, innerlijke vrijheid behoudt. Het zoeken naar perfectie of externe erkenning brengt juist het tegenovergestelde: een groeiende vervreemding en uitzichtloosheid.

Hoe bevrijding begint

De wanhopige zoektocht naar ‘goed genoeg’ kan alleen doorbroken worden door de erkenning dat waardigheid niet verdiend hoeft te worden. Onze waarde als mens ligt niet in wat we doen of bereiken, maar in het simpele feit dat we bestaan. Mindfulness, meditatie en zelfreflectie kunnen hierbij helpen, niet om gedachten los te laten, maar om ze met compassie te observeren. Zo ontstaat ruimte om te zien dat we al heel zijn, precies zoals we zijn.

Het boeddhistische principe van wu wei, oftewel “niet geforceerd handelen”, biedt hier een waardevol inzicht. Het moedigt ons aan om het streven naar controle en perfectie los te laten en ons over te geven aan de natuurlijke stroom van het leven. Ware vrijheid begint waar we ophouden onszelf te bewijzen en onszelf durven te omarmen, inclusief onze imperfecties.

Stop met zoeken en start met leven

De verhalen van Werther en Anna, gecombineerd met de inzichten van Brown en Frankl, tonen hoe gevaarlijk de zoektocht naar erkenning buiten onszelf kan zijn. De wanhopige strijd om “goed genoeg” te zijn leidt niet tot verbinding of vervulling, maar tot wanhoop en isolatie. De bevrijding ligt in het besef dat we niet perfect hoeven te zijn om waardig te zijn. Onze imperfecties zijn geen obstakels; ze zijn de essentie van wie we zijn. Door die waarheid te omarmen, vinden we niet alleen onszelf, maar ook de vrijheid om echt te leven.

De kracht van kwetsbaarheid, heb de moed om niet perfect te willen zijn. Brené Brown (bol.com).
De moed van imperfectie, laat gaan wie je denkt te moeten zijn. Brené Brown (bol.com).
Boeken over zelfdoding.

Hoe te reageren bij ‘dodelijk’ streven naar perfectie?

De inzichten in het essay bieden een kader, maar iemand in (ziele)pijn heeft praktische handvatten nodig.  Dit benadrukt dat het proces niet draait om simpelweg "loslaten", maar om het langzaam herontdekken van jezelf. Het is belangrijker om een open ruimte te bieden dan direct oplossingen aan te dragen. Door het gesprek open en niet-oordelend te houden, nodig je de ander uit om stapje voor stapje (zich)zelf te verkennen, zonder dat het voelt alsof hij of zij iets fout heeft gedaan.
Ben je bang dat iemand toch actief aan zelfdoding denkt? Je kunt gratis bellen naar 0800-0113 zelfmoordpreventie.

Zie ook het project van Humanitas Groningen Maatjes voor leven, een verhaal van verbondenheid en zin.

Intersectionaliteit, het onderdeel zijn van meerdere emancipatiebewegingen

Strijd voor erkenning heeft veel platforms en niveaus

We groeien op in een gemeenschap en we hebben kenmerken. Bepalen beide blijvend onze identiteit of maken we ons daarvan los? Levert dat strijd op?
Naast de prominente emancipatiebewegingen rondom etniciteit (wit-zwart) en gender (man-vrouw), zijn er tal van andere emancipatiestrijden gaande. Veel van deze bewegingen overlappen en reageren op en met elkaar, wat onderstreept hoe complex en gelaagd ongelijkheid is.


Voor het gunstig en vreedzaam laten verlopen van emancipatiestrijd is het belangrijk dat wij onze leiders en bestuurders prudent kiezen. Ondertussen kunnen we in onze interactie met anderen proberen onze eigen beperkende overwegingen op te sporen, oordelen vermijden en fatsoenlijk onze meningen uitwisselen wanneer we vermoeden dat het helpt en verduidelijkt.
Hier zijn enkele andere belangrijke emancipatiebewegingen om rekening mee te houden. We zijn allemaal onderdeel van meerdere groepen, maar weten niet altijd hoe (ver en snel) wij mee willen gaan in veranderingen.

  1. Klasse-ongelijkheid.

    De strijd tegen economische ongelijkheid en sociale klassenverschillen is al eeuwenlang een belangrijke emancipatiebeweging. Dit omvat kwesties zoals armoedebestrijding, eerlijke lonen, toegankelijk onderwijs en gezondheidszorg.
    Voorbeeld. Bewegingen zoals arbeidersvakbonden, de strijd voor een leefbaar loon en campagnes tegen rijkdomsconcentratie.
  2. LGBTQIA+-rechten.

    De strijd voor gelijkheid en acceptatie van mensen met diverse seksuele oriëntaties en genderidentiteiten blijft cruciaal, met aandacht voor rechten zoals het homohuwelijk, anti-discriminatiewetten en gendertransitiezorg.
    Voorbeeld. Pride-bewegingen, transgender rechtenbewegingen en de strijd tegen conversietherapie.
  3. Leeftijdsemancipatie.

    Zowel jongere als oudere generaties strijden tegen leeftijdsdiscriminatie (ageism). Jongeren willen gehoord worden in maatschappelijke discussies, terwijl ouderen strijden voor respect, goede zorg en participatie.
    Voorbeeld. Jongerenbewegingen en organisaties die opkomen voor rechten van senioren.
  4. Religieuze emancipatie.

    Groepen die strijden voor erkenning en respect voor hun geloof, of juist voor vrijheid van religie. Dit speelt vooral in samenlevingen waar bepaalde religies worden gemarginaliseerd of dominant zijn.
    Voorbeeld. De strijd tegen islamofobie, antisemitisme en voor seculiere rechten.
  5. Bewegingen rondom handicap en toegankelijkheid.

    Mensen met een fysieke of mentale beperking streven naar gelijke kansen, toegankelijkheid en inclusie in onderwijs, werk en de publieke ruimte.
    Voorbeeld. Activisme voor universeel design, betere zorgvoorzieningen en campagnes tegen het voortrekken van niet-gehandicapten.
  6. Migrantenrechten.

    Migranten en vluchtelingen strijden voor humane behandeling, gelijke rechten en kansen in hun nieuwe leefomgeving en tegen xenofobie en racisme.
    Voorbeeld. Bewegingen voor het recht op burgerschap, eerlijke asielprocedures en betere arbeidsomstandigheden voor arbeidsmigranten.
  7. Milieu- en klimaatrechtvaardigheid.

    De strijd tegen milieudegradatie en klimaatverandering heeft ook een emancipatiecomponent, omdat de gevolgen vaak zwaarder drukken op gemarginaliseerde gemeenschappen.
    Voorbeeld. Klimaatrechtvaardigheid voor inheemse volkeren en landen in het mondiale zuiden.
  8. Inheemse en oorspronkelijke volkeren.

    Inheemse volkeren strijden wereldwijd voor erkenning van hun rechten, herstel van land en behoud van hun cultuur en autonomie.
    Voorbeeld. De strijd voor het Amazonewoud en erkenning van landrechten van indianen, Maori's en Papoea's etc..
  9. Digitale en technologische emancipatie.

    De groeiende digitale kloof en afhankelijkheid van technologie heeft geleid tot een beweging die strijdt voor gelijke toegang tot technologie, privacyrechten en controle over persoonlijke gegevens.
    Voorbeeld. Bewegingen voor digitale inclusie, netneutraliteit en tegen massale surveillance.
  10. Taal- en culturele emancipatie.

    Groepen die strijden voor erkenning en behoud van hun taal en culturele erfgoed, vooral wanneer deze worden bedreigd door globalisering of dominante culturen.
    Voorbeeld. Bewegingen voor minderheidstalen zoals Fries, Baskisch en inheemse talen wereldwijd.
  11. Dierenrechten.


    De strijd voor het intrinsieke recht van dieren op vrijheid, zodat zij zich natuurlijk kunnen gedragen in een natuurlijke omgeving.
    Voorbeeld. Veganisme, campagnes tegen bio-industrie en dierenproeven.
  12. Recht op gezondheidszorg.

    De strijd tegen gezondheidsongelijkheid, zoals de toegankelijkheid van zorg, stigma rondom mentale gezondheid en de farmaceutische industrie.
    Voorbeeld. Bewegingen voor mentale gezondheid, strijd tegen de hoge kosten van medicijnen en betere zorg voor chronisch zieken.

Solidariteit

Al deze emancipatiebewegingen staan niet los van elkaar, maar beïnvloeden en versterken elkaar. Intersectionaliteit –het besef dat mensen meerdere identiteiten en privileges hebben die elkaar kruisen– is hierbij een belangrijk concept. Een succesvolle emancipatiestrijd vraagt om een holistische aanpak waarin solidariteit centraal staat.
Emancipatie zou soepeler verlopen wanneer de processen vergezeld gaan van een diepgaande verandering van perspectief bij de leiders van een land, waarbij zij zichzelf zien als dienaren van het welzijn van de mensen, niet als machthebbers die hun eigen wereldbeeld opleggen.

Evenwaardigheid in de context van doen en laten, geven en nemen

Het denken over ongelijkheid en evenwaardigheid raakt aan fundamentele principes die ook in het wu wei-denken en het en-en-denken worden weerspiegeld. Deze benaderingen benadrukken balans, respect voor de natuurlijke stroom van het leven en het vermijden van dwang of strijd.

Principes

1.    Doen en laten (wu wei)

  • Ongelijkheid erkennen zonder te forceren. Wu wei benadrukt handelen vanuit harmonie met de situatie, in plaats van tegen de stroom in te gaan. In de context van evenwaardigheid betekent dit dat we verschillen tussen mensen of groepen niet ontkennen, maar ook niet gebruiken als machtsmiddel of reden tot ongelijkheid in behandeling.
  • Het laten verwijst hier naar ruimte geven aan de ander om zichzelf te zijn, zonder opgelegde kaders of superioriteit.

2.    Geven en nemen

  • Evenwaardigheid vraagt om een bewuste wisselwerking waarin beide partijen bijdragen en ontvangen. Dit gaat niet om kwantitatieve gelijkheid, maar om kwalitatieve balans: ieder geeft wat hij of zij kan missen en ontvangt wat nodig is.
  • Dit principe is toepasbaar in menselijke relaties, maar ook in de omgang met dieren en de natuur. We nemen wat we nodig hebben, maar met respect voor wat de ander (mens, dier of natuur) nodig heeft om te floreren.

3.    En-en-denken

  • Het en-en-denken overstijgt dualistisch denken (superieur versus inferieur, gelijkheid versus ongelijkheid). Het en-en-denken erkent dat ongelijkheid en evenwaardigheid tegelijkertijd kunnen bestaan: we zijn verschillend, maar delen dezelfde intrinsieke waarde en recht op respect.

Verschillende niveaus

1.    Individueel niveau

        Balans in doen en laten

  • Actie en reflectie
    Evenwaardigheid vraagt om bewuste keuzes tussen handelen en loslaten. Dit kan betekenen dat je in sommige situaties actie onderneemt tegen ongelijkheid, terwijl je in andere situaties ruimte laat voor groei door niet in te grijpen.
  • Zelfreflectie
    Onderzoek waar je eigen handelen voortkomt uit superioriteitsgevoelens en kies ervoor om dat los te laten.

2.    Interpersoonlijk niveau

        Geven en nemen in relaties

  • Communicatie
    Respectvolle dialoog betekent luisteren en spreken in balans. Geef ruimte aan de ander om zichzelf te uiten, terwijl je ook eerlijk je eigen standpunt deelt.
  • Wisselwerking
    Zoek in relaties naar momenten waarop geven en nemen elkaar in evenwicht houden. Bijvoorbeeld door hulp te bieden zonder verwachtingen en te ontvangen zonder schuldgevoel.

3.    Sociaal niveau

        En-en-denken in systemen

  • Inclusieve structuren
    Creëer systemen waarin verschillen (bijvoorbeeld in kennis, macht of middelen) worden erkend, maar niet worden misbruikt. Een voorbeeld is beleid dat zowel economische ongelijkheid als ecologische rechtvaardigheid integreert.
  • Onderwijs
    Leer kinderen en-en-denken door hen situaties voor te leggen waarin meerdere perspectieven tegelijkertijd waar kunnen zijn. Dit helpt hen om complexiteit te omarmen.

4.    Universeel of globaal niveau

        Relatie met de natuur

  • Respect voor ecosystemen
    Wu wei in de omgang met de natuur betekent dat we leren meebewegen met natuurlijke cycli in plaats van ze te manipuleren. Dit sluit aan bij het principe van geven en nemen: we nemen wat nodig is zonder te overbelasten en geven terug door te beschermen en te herstellen.
  • Dierenwelzijn
    Evenwaardigheid betekent dat dieren de ruimte krijgen om hun natuurlijke gedrag te vertonen, zonder dat mensen zich superieur voelen of ingrijpen wanneer dat niet noodzakelijk is.

Delicate balans

Evenwaardigheid vraagt om een delicate balans van doen en laten, geven en nemen en het loslaten van dualistisch denken. Door bewust te handelen vanuit harmonie in plaats van strijd, ontstaat een wereld waarin ongelijkheid mag bestaan zonder ongelijkwaardig te zijn. Dit vereist voortdurende aandacht en oefening, maar sluit perfect aan bij de natuurlijke stroom van het leven.

Verwart wu wei niet met magisch denken

De boer en het wild paard

Er is een bekend taoïstisch verhaal dat vaak wordt verteld om het concept van wu wei (handelen door niet-handelen) en de relatieve aard van gebeurtenissen in het leven te illustreren. 

Hier is een versie van het verhaal.

Er was eens een arme boer die woonde in een klein dorpje. Op een dag, toen hij aan het werk was op zijn boerderij, kwam zijn zoon thuis met een wild paard dat hij had gevangen. De dorpsbewoners, die dit zagen, kwamen naar hem toe en zeiden:
"Wat een geluk! Je zoon heeft een prachtig paard gevangen, dat zal je vast rijk maken!".
De boer antwoordde kalm: "we zullen zien".
Een paar weken later, terwijl de jongen het paard aan het temmen was, viel hij van het paard en brak zijn been. De dorpsbewoners kwamen weer langs en zeiden:
"Wat een ongeluk! Je zoon heeft zijn been gebroken, dat zal je zeker veel pijn en verdriet brengen!".
De boer antwoordde weer: "we zullen zien".
Niet lang daarna brak er oorlog uit, en de keizer riep alle jonge mannen op om mee te vechten. De zoon van de boer kon echter niet gaan, vanwege zijn gebroken been. Toen de dorpsbewoners dit hoorden, kwamen ze opnieuw naar de boer en zeiden:
"Wat een geluk! Je zoon hoeft niet mee te vechten en zal in leven blijven!"
De boer keek hen aan en zei opnieuw: "we zullen zien".

Betekenis zien

wu wei
Klik voor vergroting

Het verhaal van de boer en zijn zoon herinnert ons eraan dat we vaak gebeurtenissen in ons leven als goed of slecht bestempelen, maar in werkelijkheid kunnen de uitkomsten van deze gebeurtenissen onvoorspelbaar zijn. Wat op het ene moment als geluk lijkt, kan later als ongeluk blijken, en wat op het ene moment als ongeluk lijkt, kan later tot iets positiefs leiden.

De boer symboliseert de taoïstische houding van "niet oordelen" en van het vertrouwen in de natuurlijke stroom van gebeurtenissen. In plaats van vast te houden aan de directe betekenis van gebeurtenissen, stelt de boer dat alles onderdeel is van een groter geheel, waarvan de uitkomst vaak niet direct te overzien is. Het idee van "we zullen zien" benadrukt geduld, acceptatie van wat komt, en het loslaten van het verlangen om alles te begrijpen of te controleren.

Voor een volledige uitleg over het begrip wu wei, lees bijvoorbeeld Wikipidia. Het is een label dat vaak gebruikt wordt in mijn blogs en vele vormen kent.

Door niet te forceren en mee te bewegen met de stroom, ontvouwen zich dingen vanzelf. Het is een vertrouwen in de natuurlijke gang van zaken, waarin loslaten de sleutel is tot vinden.

Een meer persoonlijk voorbeeld van voorzichtig zijn in "oordelen" en met voorbarige conclusies trekken vind ik onderstaande gebeurtenissen. Het gevaar is dat betekenis wordt gezocht waar slechts toeval een rol speelt.

Toeval of synchroniciteit

Ik ben in juli 1957 geboren. Toen ik op mijn verjaardag op een zondag in 1977 in Londen een kaartje voor een dubbeldekker kocht was het kaart nr 007. Toeval met betekenis? Zeg het maar. Het getal zeven heeft in veel tradities en spirituele systemen een diepe symbolische betekenis. Het wordt vaak gezien als een heilig of mystiek getal en komt wereldwijd in verschillende contexten terug.

Voor wie openstaat voor een meer symbolische interpretatie, kunnen zulke momenten aanvoelen als een knipoog van het universum of een herinnering aan een diepere verbinding met mijzelf en de wereld om mij heen. De combinatie van de data eindigend op 7, mijn verjaardag in Londen op die specifieke (zevende) dag en maand, en dat ticket met nummer 007 roepen bij mij een glimlach 😁op.

Magisch denken

Als je het rationeel benadert, kun je zeggen dat dit soort toevalligheden of synchroniciteiten voortkomt uit de enorme hoeveelheid dagelijkse gebeurtenissen, waarvan sommige toevallig opmerkelijke patronen vormen. Onze hersenen zijn meesterlijk in het herkennen van deze patronen en verbinden er betekenis aan.

De ene keer roepen beelden angsten op, de andere keer extatische gevoelens. De kunst is al onze geestelijke vermogens in balans te houden om onnodig oordelen en magisch denken te voorkomen. Voor kinderen is het niet erg om magisch te denken, want hun fantasie helpt hun om grenzen te verleggen. Wij volwassenen voeden er soms alleen ons ego mee. 

Een ander, sterk, maar waar verhaal is over mijn fiets die in de loop van tientallen jaren meerdere keren gestolen werd en die ik telkens weer terug vond, lopend op weg naar huis.

Zit er betekenis in toevallige gebeurtenissen? We zullen zien.

Tot zover. Voor een onderbouwing van psychologische, wetenschappelijke, filosofische en theologische visie op synchroniciteit, klik naar mijn persoonlijke website.

Wie is Rupert Spira?

Deze uitspraken van hem spreken mij aan

Onderaan mijn blogs staat deze uitspraak van Rupert Spira:
"In onwetendheid ben ik iets; in inzicht ben ik niets; in liefde ben ik alles".

Een ander voorbeeld dat ik had kunnen nemen is:
"Liefde is geen emotie; het is de erkenning van onze gedeelde essentie".
Mens en dier hebben voor mij deze essentie gemeenschappelijk: we zijn intrinsiek evenwaardig in ons recht op vrijheid.

Dezelfde associatie heb ik bij deze uitspraak:
"Vrijheid is niet iets dat we bereiken; het is wat we zijn".

Eenheid, non-dualiteit en advaita vedanta

Rupert Spira schrijft vanuit de visie van het non-dualisme, een filosofie en spirituele traditie die stelt dat de scheiding tussen subject en object, zelf en ander, of mens en natuur een illusie is. Zijn werk is sterk beïnvloed door advaita vedanta, een Indiase filosofische stroming die "niet-tweeheid" benadrukt, en moderne contemplatieve inzichten.
De kern van zijn visie omvat het volgende.

  1. Bewustzijn als fundament
    Spira ziet bewustzijn niet als iets dat voortkomt uit het brein of de wereld, maar als de grondslag van alle ervaring. Alles wat we waarnemen en ervaren, vindt plaats in bewustzijn.

  2. De illusie van afgescheidenheid
    Volgens Spira ontstaat lijden door het geloof dat we afzonderlijke, geïsoleerde individuen zijn. Het inzicht dat er geen werkelijke scheiding is tussen onszelf en anderen leidt tot vrijheid en liefde.

  3. Zelfonderzoek
    Hij moedigt aan om te onderzoeken wie of wat we werkelijk zijn door introspectie en contemplatie. Door deze oefening ontdek je dat je geen beperkte persoon bent, maar een open, grenzeloos bewustzijn.

  4. Liefde en vrede
    Spira benadrukt dat liefde de natuurlijke uitdrukking is van het besef dat we fundamenteel één zijn met alles. Deze liefde is niet afhankelijk van omstandigheden, maar is een intrinsieke staat van zijn.

  5. Wu wei en overgave
    Spira's leer sluit aan bij het taoïstische idee van wu wei (moeiteloos handelen). Hij moedigt aan om het verzet tegen wat is los te laten en mee te gaan met de natuurlijke stroom van het leven.

Zijn visie nodigt uit tot een diepgaand besef van onze ware natuur en een vreedzaam, liefdevol bestaan dat niet afhankelijk is van externe omstandigheden.
 

Rupert Spira heeft nog meer uitspraken die aansluiten bij mijn visie op bewustzijn, vrijheid en verbinding.
Hier zijn enkele voorbeelden.

  1. Liefde is de erkenning dat wij niet twee zijn.

  2. Het idee dat we een afzonderlijk zelf zijn, is de bron van alle conflict.

  3. Vrijheid is het herkennen van onze ware natuur, die nooit gebonden is geweest.

  4. Liefde is wat we zijn, niet wat we doen of ontvangen.

  5. Alle innerlijke conflicten komen voort uit het verzet tegen wat is.


Het enige wat ik wil nuanceren bij uitspraak 2 is dat in mijn ogen de bron van alle conflict is dat we denken dat we meer zijn dan een ander (hoogmoed) en dat we daarom de ander niet serieus hoeven te nemen. Dat is ook manier om te verwoorden dat we geen afzonderlijk zelf zijn.

Universele moraal: een balans tussen vrijheid en wederkerigheid

Principes en stelregels

De zoektocht naar een universele moraal heeft door de geschiedenis heen veel verschillende richtingen gekend. Twee krachtige en ogenschijnlijk eenvoudige stelregels bieden echter een stevige basis voor morele consensus: de Bijbelse stelregel "wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet" en de seculiere variant "mijn vrijheid houdt op waar die van een ander begint". Beide principes draaien om respect voor de ander en de grens van eigen handelen. Dit artikel verkent hoe deze stelregels samen een fundament vormen voor een universele moraal, ongeacht religieuze of culturele achtergrond.

Wederkerigheid als moreel fundament

De eerste stelregel, afkomstig uit de Bijbel, staat bekend als de Gouden Regel en is geworteld in wederkerigheid: de norm om anderen te behandelen zoals je zelf behandeld wilt worden. Dit principe overstijgt religie en cultuur en is terug te vinden in vele filosofische en ethische tradities. De kernboodschap is eenvoudig, maar krachtig: het bevordert empathie en reflectie. Door ons in te leven in de ander, dwingt het ons om de gevolgen van ons handelen te overdenken. Als we zelf een bepaalde behandeling niet willen ondergaan, hebben we ook de morele verplichting om diezelfde behandeling te onthouden aan een ander.

Deze regel schept een morele symmetrie die leidt tot een gemeenschappelijk besef van rechtvaardigheid en gelijkheid. Iedereen wil immers met respect behandeld worden, ongeacht verschillen in afkomst, overtuiging of persoonlijkheid. Door dit principe aan te nemen, stellen we als samenleving dat geen enkel individu verheven is boven een ander, wat een cruciale basis vormt voor universeel gedeelde waarden.

Idem dito bij andere culturen


Hoewel de formuleringen anders zijn, ligt bij zowel bij bijvoorbeeld de islam als het taoïsme de nadruk op respect voor anderen en het bevorderen van harmonie in relaties. In de islam is wederkerigheid duidelijk verbonden met geloof en het welzijn van de gemeenschap. In het taoïsme wordt de nadruk gelegd op de natuurlijke harmonie en het niet-doen van kwaad, wat indirect ook een vorm van wederkerigheid is.
"Niemand van jullie heeft geloof totdat hij voor zijn broeder wenst wat hij voor zichzelf wenst."
— (Sahih al-Bukhari 13, Sahih Muslim 45).

"Behandel degenen die goed zijn, met goedheid. Behandel degenen die niet goed zijn, ook met goedheid. Op die manier bereik je goedheid."
— (Tao Te Ching, hoofdstuk 49).

Vrijheid en grenzen

De tweede stelregel "mijn vrijheid houdt op waar die van een ander begint" benadrukt de grenzen van individuele vrijheid in relatie tot anderen. In tegenstelling tot het idee dat vrijheid grenzeloos is, wijst deze stelregel erop dat echte vrijheid alleen kan bestaan wanneer het rekening houdt met de vrijheid van anderen. Dit principe stelt grenzen aan het handelen van individuen en voorkomt dat het recht op zelfbeschikking verwordt tot egoïsme of onderdrukking van anderen.
Deze regel stelt vrijheid en gelijkheid centraal en biedt daarmee een seculier kompas voor morele beslissingen. Het plaatst verantwoordelijkheid bij elk individu om zijn of haar handelen niet alleen te baseren op eigen wensen en verlangens, maar ook op de impact op de ander. Het principe van wederkerigheid komt hier indirect weer terug: je bent vrij om te handelen, zolang je de vrijheid van anderen niet schaadt. Door deze wederzijdse erkenning ontstaat een moreel systeem dat wederzijds respect en vrijheid voor iedereen nastreeft.

De symbiose van beide principes

Wat deze twee stelregels zo bijzonder maakt, is de manier waarop ze elkaar aanvullen. De Gouden Regel leert ons empathie en wederkerigheid: we behandelen anderen zoals we zelf behandeld willen worden. De seculiere regel van vrijheid benadrukt dat deze empathie zich vertaalt naar het respecteren van andermans grenzen. De combinatie van deze twee regels creëert een ethisch systeem waarin individuele rechten en verantwoordelijkheden in balans zijn.
De kracht van deze symbiose ligt in het feit dat beide principes geen specifieke culturele, religieuze of ideologische context vereisen om te werken. Ze zijn direct begrijpelijk en toepasbaar voor iedereen, ongeacht achtergrond. Dit maakt ze bijzonder geschikt als fundament voor een universele moraal.

Een toepasbare ethiek

In de praktijk vraagt het naleven van deze morele regels om een voortdurende afweging tussen persoonlijke vrijheid en verantwoordelijkheid ten opzichte van anderen. Dit vraagt niet alleen om individuele reflectie, maar ook om maatschappelijke structuren die deze morele balans ondersteunen. In een wereld waarin globalisering mensen en culturen dichter bij elkaar brengt, is het steeds belangrijker dat we een gedeeld ethisch kader hebben dat uitgaat van wederzijdse vrijheid en respect.
De stelregels bieden hiervoor een solide basis. Door in onze dagelijkse interacties zowel rekening te houden met onze eigen vrijheid als die van anderen, en door ons gedrag richting anderen af te stemmen op hoe wij zelf behandeld willen worden, creëren we een samenleving die gestoeld is op respect, gelijkheid en rechtvaardigheid.

De sleutel tot respectvolle relaties tussen mensen

De combinatie van de Gouden Regel en het principe dat vrijheid begrensd is door de vrijheid van anderen biedt een solide fundament voor een universele moraal. Deze stelregels maken duidelijk dat echte vrijheid en rechtvaardigheid niet alleen gaan over individuele rechten, maar ook over onze verantwoordelijkheid om anderen met respect te behandelen. Samen vormen deze principes een moreel kompas dat eenvoudig te begrijpen is, breed toepasbaar is, en een brug slaat tussen verschillende culturen en overtuigingen.
Door deze stelregels te omarmen, bouwen we aan een samenleving waarin vrijheid en gelijkheid hand in hand gaan en waarin evenwaardigheid en wederkerigheid de sleutel zijn tot respectvolle relaties tussen mensen.

Populair in de laatste week

Klik op het label hieronder waarover u meer wilt lezen

#metoo (2) aanbevolen (39) aandacht (26) aanraken (3) aanwezigheid (22) achterdocht (2) ADHD (3) afhankelijkheid (7) afstand nemen (11) agnost (4) agressie (2) alcoholisme (2) altruïsme (5) ambitie (5) ander (3) angst (37) apofatisch (20) authenticiteit (17) autisme (3) autonomie (15) balans en evenwicht (122) begeerte (3) behoefte (8) belangen (10) belemmerende overtuigingen (19) beoordelen (13) bescheidenheid (12) beslissen (7) betrokkenheid (14) betrouwbaarheid (2) bewustwording (24) bewustzijn (41) bezinning (4) Big Tech (5) bindingsangst (5) bioscoopfilm (13) biseksualiteit (2) blijdschap (3) bodhisattva (5) boeddhisme (15) boek (188) boosheid (2) brein (2) burn-out (6) communicatie (41) compassie (18) competentie (4) competitie (32) complottheorie (2) constructief gesprek (9) consumeren (3) containen (11) coping (3) creativiteit (4) crisis (6) dankbaarheid (12) dans (18) daten (9) deflexie (1) demagogie (10) democratie (12) denken (30) denkfouten (7) depressie (2) deugd (11) deugdzaamheid (3) diagnose (7) dialectiek (3) dialoog (24) dieren (22) discipline (2) dooddoener (8) drama (5) drie-eenheid (7) drogredenen (10) drugsgebruik (4) DSM (5) dualisme (5) duurzaamheid (10) echt (4) eenheid (50) eenheidservaring (8) eenzaamheid (9) effectiviteit (5) ego (62) eigenschappen (3) eigenwaarde (7) emancipatie (17) emergentie (4) emotie (19) empathie (7) en-en (37) energie (18) engagement (1) erkenning (13) essentie (9) ethiek (23) etiquette (5) evenwaardigheid (126) evolutie (29) extase (5) fabel (1) feedback (9) filmpje (73) filosofie (70) fraude (7) Freud (2) functioneren (4) gedragsverandering (13) geduld (13) geest (4) geheugen (5) gekwetstheid (5) gelatenheid (3) geld (3) gelijk hebben of gelijk krijgen (10) gelijkmoedigheid (4) geloven (21) geluk (39) genade (7) genot (2) Gestalt (1) Getuige (8) gevoelens (55) gewaarzijn (17) gezag (1) gezichtsverlies (2) gezondheid (7) gezondheidszorg (3) GGz (4) go with the flow (4) God (52) goedgelovigheid (2) gokken (3) Gouden Regel (19) grenzen (24) hechting (1) heelheid (14) hersenen (5) hier en nu (15) holisme (5) hoofdzonde (6) hoogmoed (15) hoop (7) humor (24) ideaalbeeld (5) identificatie (14) identiteit (21) ik-boodschap (15) illusie (16) imago (2) individualisme (6) innerlijke vrijheid (46) integriteit (12) Intelligent Design (1) Internet (3) intrinsieke waarde (7) intuïtie (17) InZicht (25) islam (1) jaloezie (7) jeugd (2) jezelf worden en zijn (23) jongeren (5) karakter (3) katafatisch (2) kenmerken (2) kiezen (25) kind (16) kosten (4) kracht (13) Krishnamurti (2) kuddegedrag (1) kunstmatige intelligentie (16) kwakzalverij (2) kwaliteit (27) kwetsbaarheid (15) leegte (34) leiderschap (11) leugens (10) levensfase (3) levenskunst (16) levensvragen (5) levensweg (5) licht (3) liefde (140) liefdesverdriet (5) lijden (4) loslaten (66) macht (45) machtsstrijd (25) magisch denken (6) man-vrouw verschillen (19) manipulatie (2) mannelijkheid (2) mannen (1) media (6) meditatie (21) metacommunicatie (13) metafoor (5) metafysica (7) milieu (2) mindfulness (8) misbruik (5) model (1) moraliseren (6) motto (1) mystiek (14) nabijheid (7) narcisme (10) natuur (15) negatie (19) neti neti (3) niet doen (58) niet-twee (22) NLP (1) non-duaal bewustzijn (9) non-dualiteit (49) NOP (2) omdenken (11) omgangsregels (4) onderwijs (5) onderzoek (11) ongelukkig zijn (5) onmacht (9) onrust (4) ontmoeten (11) ontrouw (1) ontwikkeling (26) onverwerkt kindertrauma (4) oordeel (47) openheid (19) optimisme (4) opvoeding (11) orgasme (2) Osho (6) ouderen (8) overgave (9) overheid (1) overvloed (5) panpsychisme (1) pantheïsme (1) paradox (52) partnerkeuze (9) passie (2) pedagogie (1) perfectie (6) personeelsbeleid (2) persoonlijkheid (7) persoonlijkheidsstoornis (4) pessimisme (3) pesten (2) Peter principle (1) piekeren (3) pijnlichaam (10) politiek (41) populair (10) positieve (12) potentie (5) privacy (1) processie (2) projectie (18) psychiatrie (3) psychofarmaca (3) psychotherapie (4) rechtvaardigheid (15) reïncarnatie (2) relatie (26) relatievaardigheid (15) respect (53) rijkdom (2) rol (10) romantiek (7) rust (13) ruzie (5) samensmelten (10) samenwerken (10) schaamte (2) scheiden (3) schizofrenie (1) schouwen (5) schrijfdrang (1) schuld (9) schuldgevoel (4) seks (13) selectie (2) sociale druk (5) somberheid (1) spel (8) spiegelogie (4) spijt (3) Spinoza (4) spiritualiteit (61) spreekwoorden (2) sprong (1) statistiek (1) status (2) sterven (8) stilte (38) straling (1) strategie (5) stress (3) superioriteit (13) synchroniciteit (21) taal (37) Taoïsme (29) tederheid (1) Tegenwoordigheid (2) The Secret (1) The Work (1) therapie (3) tijd (9) tijdgeest (5) toeval (10) Tolle (20) transcenderen (6) transformatie (7) transparantie (2) trend (1) twijfel (11) veiligheid (10) verandering (9) verantwoordelijkheid (39) verbinding (87) verdriet (4) vergeten (3) vergeving (7) verlangen (11) verlatingsangst (3) verleiding (3) verlichting (17) verliefdheid (7) verlies (7) vermijding (2) vermoeidheid (1) verslaving (9) vertrouwen (41) verveling (4) verwondering (6) vicieuze cirkel (2) video (1) voeding (4) voelen (5) volgzaamheid (1) vragenlijst (1) vrede (11) vreugde (4) vriendelijkheid (5) vrije wil (8) vrijen (3) vrijheid (155) vrijwilligerswerk (5) waarheid (32) waarneming (13) wakker (2) ware (17) wederkerigheid (13) welzijn (11) wezen (1) wijsheden (29) wilskracht (2) woede (2) woke (1) wu wei (48) yin en yang (7) zelfbeheersing (4) zelfbevestiging (4) zelfbewustzijn (22) zelfdoding (4) zelfkennis (19) zelfkritiek (3) zelfoverschatting (2) zelfrealisatie (13) zelfvertrouwen (6) zelfverwerkelijking (3) zelfwaardering (5) Zen (3) ziel (25) Zijn (24) zin van het leven (15)