Kun je genade ceremonieel afdwingen?

Over een stem uit de diepte en de ervaring die je niet kunt bestellen

Een stem tijdens de ceremonie

Filosoof en zenleraar André van der Braak vertelt in een interview in Trouw over een ayahuasca-ceremonie waarin hij een stem hoorde. Die zei: "Je moet meer liefhebben". Hij beschrijft het als iets dat in je bewustzijn opkomt terwijl het normaal onzichtbaar blijft, een kracht die met je in gesprek gaat. In zijn nieuwe boek Een stem uit de diepte onderzoekt hij hoe psychedelica toegang kunnen geven tot wat hij het heilige noemt.

Ik twijfel niet aan wat hij hoorde. Ik twijfel evenmin aan zijn oprechtheid of aan zijn zorg over een tijd waarin veel mensen geen taal meer hebben voor wat groter is dan zijzelf. Wat me bezighoudt is een andere vraag: wat gebeurt er met zo'n ervaring als je de weg ernaartoe gaat regelen?

Wat genade niet is

Het woord genade gaat terug op het Latijnse gratia, waarin ons "gratis" nog doorklinkt: om niet. Genade verdien je niet, je maakt haar niet en je kunt haar niet bestellen. Dat is geen bijzaak van het begrip, het is de kern ervan. Zodra je een voorwaarde formuleert waaronder ze verschijnt, heb je het over iets anders: een beloning, een resultaat, een levering.

Over genade kun je daarom misschien alleen zinvol spreken langs de weg van wat ze niet is. Ze is geen prestatie en geen product. Ze is geen antwoord op de juiste handeling op het juiste moment. Wat overblijft als je dat allemaal wegstreept, laat zich niet goed omschrijven en dat lijkt me terecht.

Het oude sacrament in een nieuw jasje

Van der Braak noemt zijn gebruik van ayahuasca sacramenteel. De intentie telt, net als de begeleiding door een sjamaan en de rituelen eromheen. Dat onderscheidt het van een pil op een festival en van een behandeling in de ggz. Het is een serieuze poging om een religieuze omgang met de stof te vinden.

Toch klinkt hier iets oudbekends in door. In de katholieke sacramentenleer werkt het sacrament door de verrichte handeling zelf, mits die correct wordt uitgevoerd door wie daartoe bevoegd is. Voor een katholiek hoeft dat geen bezwaar te zijn: de ceremonie draagt de genade, niet de verdienste van wie haar ontvangt. De Reformatie zette daar "alleen uit genade" tegenover. Voor gereformeerden is het onverdraaglijk dat een ander mens, een priester of een instantie, zou bepalen of jij genade ontvangt. Genade komt van God alleen, zonder tussenpersoon die over de toegang beslist. Toch kenden ook gereformeerde kerken ouderlingen die bij het huisbezoek beoordeelden wie aan het avondmaal mocht. Het patroon keert dus terug, zelfs waar het principieel wordt afgewezen.

De ayahuasca-ceremonie verenigt opvallend genoeg beide kanten. Het ritueel moet het werk doen, wat een katholiek vertrouwd in de oren klinkt. Tegelijk staat er een sjamaan tussen jou en het heilige als bevoegde bemiddelaar, en daar zou een gereformeerde van steigeren.

Van der Braak stelt voor om bonafide aanbieders te certificeren, zonder psychedelica volledig te legaliseren. Vanuit veiligheid is dat begrijpelijk. Het laat ook zien waar een ritueel naartoe beweegt zodra het de toegang tot het heilige beheert: naar bevoegdheden, keurmerken en een markt.

Twee manieren om naar een sneeuwbol te kijken

Van der Braak vergelijkt de werking van ayahuasca met een sneeuwbol die je door elkaar schudt. Het brein krijgt een soort reset, oude patronen lossen op en er ontstaat ruimte voor iets nieuws. Hij voegt eraan toe dat die reset neutraal is en dat het erom gaat welke betekenis je eraan geeft.

Het beeld van de sneeuwbol ben ik vaker tegengekomen, maar dan in omgekeerde richting. In gesprekken over non-dualiteit staat de geschudde sneeuwbol voor de onrustige geest. Gedachten, oordelen en verlangens dwarrelen door elkaar en je ziet niet meer wat er in de bol staat. Helderheid ontstaat dan niet door harder te schudden. Ze ontstaat als je de bol neerzet en wacht tot de sneeuw vanzelf zakt. Het tafereel hoef je niet te maken, het was er al. Je hoeft alleen op te houden het aan het zicht te onttrekken.

Hetzelfde beeld wijst dus twee kanten op. In de ene lezing is schudden de weg naar iets nieuws, in de andere is schudden juist wat het zicht belemmert. Het eerste is een ingreep, het tweede een vorm van niet-ingrijpen. Het lijkt op het onderscheid dat ik eerder maakte tussen graven en afspoelen. Wie graaft, treft iets aan en voorziet het van een etiket. Wie afspoelt, laat zien wat er al was zonder het een naam te hoeven geven.

Daar wringt het. Van der Braak noemt de reset neutraal, maar zodra het gaat over wat er daarna verschijnt, volgen de namen snel: elfjes, aliens, bezielde aanwezigheden, onzichtbare actornetwerken, het heilige. Ik begrijp de behoefte om een ervaring taal te geven. Maar elk etiket maakt van wat vrijkwam ook weer iets dat je kunt hebben.

De ceremonie regelt de toegang, niet de genade

Is ayahuasca dan een transactie? Ik denk van wel, maar het loont om precies te zijn over wat er verhandeld wordt. Wat je koopt met geld, voorbereiding en begeleiding, is de geschudde sneeuwbol. Die opening is maakbaar. Wat in die opening verschijnt, zit niet in de afspraak. Lang niet iedereen hoort een stem die zegt dat je meer moet liefhebben. Sommigen beleven uren van angst of misselijkheid, anderen niets wat ze betekenisvol vinden. In die zin lijkt het eerder op een lot kopen dan op een aankoop.

Het transactionele zit daarom vooral in de verwachting. Wie een ceremonie ingaat om toegang tot het heilige te krijgen, maakt van de ervaring een middel. Komt er dan iets, dan ligt het voor de hand om dat toe te schrijven aan de ceremonie, alsof je het hebt verdiend of ingekocht. Zo wordt een geschenk een product.

Hier ligt een tegenwerping voor de hand. Contemplatieve tradities doen ook iets: ze vasten, trekken zich terug en zitten jarenlang in meditatie. Is dat dan ook een transactie? Dat kan, zodra iemand mediteert om verlicht te raken. Toch is er een verschil in richting. Een oefening die blokkades wegneemt, maakt ruimte zonder iets af te dwingen: ze zet de sneeuwbol neer. Een stof die het bewustzijn openbreekt, forceert de opening: ze schudt. Het eerste is een vaardigheid die je telkens opnieuw beoefent en nooit bezit. Het tweede is een gebeurtenis die je kunt herhalen, maar niet kunt leren.

Wat de stem misschien al wist

Wat me het meest raakt in het verhaal van Van der Braak, is de inhoud van de boodschap. Meer liefhebben is geen geheime kennis. Je vindt het in vrijwel elke traditie terug en je kunt het ook zonder brouwsel horen: op een vroege ochtend in bed, in een gesprek, in een moment waarop je even niets wilt.

Zonder liefde geen vrijheid, zonder vrijheid geen liefde. Als dat klopt, wringt er iets aan een liefde die je via een geregelde opening probeert te bereiken. Wat vrij moet komen, laat zich niet afdwingen. Het kan alleen verschijnen waar niets het tegenhoudt.

Ik wil niemand die voor een ceremonie kiest de les lezen. Misschien is het voor sommigen het moment waarop de sneeuw voor het eerst gaat liggen. Dan blijft wel een vraag over die ik niet kan beantwoorden: lag het aan het schudden, of aan wat er gebeurde toen niemand meer schudde?

Labels

Meer tonen

Veel gelezen afgelopen week

De filosofie van verliefdheid

De essentie van Houden Van

Wie heeft er belang bij twijfel zaaien?

De toekomst verbeteren met astrologie

Leven in een wereld vol leed

Populaire posts vanaf 2005 tot nu

Psychologie en leven in het hier en nu

Hoe voer je een constructief gesprek?

De essentie van Houden Van

Het wezen van Ware Liefde

Wat is zelfrealisatie of verlichting?