De psychologie op dit blog gaat onder meer over het terugwinnen van de verstoten delen van het zelf om zich heel te voelen.
De spiritualiteit gaat over het vanuit een persoonlijk zelf een overstijgend geheel te leven - als uiting van universele verbondenheid.

Spirituele dooddoeners?

‘Jij bent liefde, alles is liefde’
‘Er is geen ander, alles is één’
‘Alles is goed zoals het is’
‘Wat is het geluid van één klappende hand?’

Wie zich bezighoudt met spiritualiteit komt bovengenoemde uitspraken altijd wel eens een keer tegen. Niet altijd (meestal niet) wordt daarbij duidelijk waarom het zo wordt gesteld. In dit artikel wordt het belicht vanuit de dooddoener. De dooddoener heeft een negatieve klank in de volksmond, zo van “een levendig gesprek wordt er op een vervelende manier mee doodgelegd”. In dit artikel wordt het meer opgevat als het functioneel doodleggen van de bal in een voetbalspel. Om een bal onder controle te krijgen. Een bal wordt aangenomen, stilgelegd en verder meegenomen en ingezet in het spel. In die positieve zin wordt het hier bedoeld. Een speelse vorm van omdenken.

We beginnen met de koan ‘wat is het geluid van één klappende hand?’. Je kunt bij het antwoord lang en kort stil staan. En dat proces kan bevrijdende inzichten geven of tot frustratie leiden. In ieder geval maken alleen twee handen geluid wanneer ze tegen elkaar klappen. We hebben elkaar (twee mensen of handen, niet één) nodig om iets tot stand te brengen. Dat antwoord is van toepassing op vrijwel alle vragen die in de spiritualiteit worden opgeroepen.

‘Jij bent liefde, alles is liefde’
Deze uitspraak heeft twee lastige aspecten.
1.    Wie of wat je bent, je identiteit, is geen objectief gegeven
2.    Wanneer iets voor alles geldt, heeft het weinig informatieve waarde 

Liefde is een veelzijdig maar ongrijpbaar begrip. Liefde leidt soms (tijdelijk, hopelijk vaak) tot het gevoel één te zijn met de ander. We doen er allemaal ervaring mee op en komen dan (hopelijk) tot de overtuiging dat we het gedrag van de ander als liefdevol mogen opvatten en we mogen hopen dat de ander dat ook (nog lang) van ons doet. Honderd procent zeker zijn we nooit van wat er in de ander omgaat, hoe lang en hoe diep we ook in de ogen van die ander blijven kijken of blijven doorvragen.
Wanneer we te geforceerd proberen zekerheid te krijgen over wat liefde is, raken we verwijderd van de liefde. Macht erotiseert, maar doet liefde kwijnen. Liefde laat zich niet dwingen. Het loslaten van de wens om zeker te zijn van de ander, geldt als liefdevol. Hiermee wordt vrijheid geschapen en vrijheid is ook zo’n ongrijpbaar concept. Het moge duidelijk zijn dat wanneer vrijheid en liefde op zo’n wijze aan elkaar worden verbonden dat het paradoxaal werkzaam is. Dat wil zeggen: het werkt zolang we het (oordelen) kunnen laten. Wanneer we dat niet kunnen (niet meer evenwaardig kijken), zijn we gedwongen zijn om de les opnieuw te leren. Tot in het oneindige. In die zin is alles liefde en jij en ik ook. Dit taalgebruik: "wie niet wil inzien dat alles liefde is, draagt niet bij aan een betere wereld" is een verkapte chantage. Chantage is als machtsmisbruik en doet liefde en vertrouwen verdwijnen. Beiden komen te voet en snellen weg te paard.



‘Er is geen ander, alles is één’
Advaita (een term uit het Sanskriet) of non-dualiteit betekent ‘niet twee zijn’. Hier wordt het woord “eenheid” vermeden omdat het dan geen ruimte meer laat voor de observatie dat de wereld vooral (eigenlijk alleen maar) duaal wordt ervaren, namelijk in termen van tegenstellingen. Met die tegenstellingen kunnen we discrimineren in termen van onderscheiden en kunnen we leven. Was alles één blur dan waren we ten dode opgeschreven.
Het nut van kunnen onderscheiden is geen onderbouwing van de stelling dat de een meer of beter is dan een ander. We zijn één in ons evenwaardig zijn, niet gelijk.

‘Alles is goed zoals het is’
Het moge uit het voorgaande duidelijk zijn dat deze uitspraak begrepen kan worden als tegelijk waar en niet waar (en-en denken). Wanneer we in het leven ons druk maken over alle misstanden in de wereld hebben we geen vrijheid en geen leven. Het tegelijk betrokken en angstig zijn, slaat dood. Maar wie zich onverschillig opstelt tegenover onrecht waar hij/zij wel wat aan kan doen, die draagt niet bij een leefbare samenleving. In een werkzame samenleving stroomt liefde en is vrijheid voelbaar.
Om te voorkomen dat we verdwalen in een taaldoolhof of het een gebed zonder eind wordt, is deze laatste functionele dooddoener een goed voorbeeld om mee te besluiten.

Populair afgelopen week