Oorsprong, vrijheid en gelatenheid

Ontvankelijkheid

Het boek Oorsprong & vrijheid door Gerard Visser verscheen in de essay-reeks 'Oratio' bij gelegenheid van zijn afscheid bij de Universiteit van Leiden waar hij dertig jaar cultuurfilosofie gaf.

Dr Taede A. Smedes schreef op Bol.com een recensie.
Citaten. “Het onderwerp draait om de spanning die we vandaag de dag zien tussen 'vrijheid' of 'vrije wil' en 'noodzaak' (of determinisme). De neurowetenschappen spelen die twee begrippen tegen elkaar uit”.
Visser wil betogen dat vrijheid samengaat met innerlijke noodzaak en beter als 'speelruimte' opgevat kan worden. Een wezen is vrij wanneer het in zijn element is. Gesteld dat vrijheid zo elementair is als de lucht die we ademen, kan het wezen van vrijheid dan in het vrije worden gezocht? Dit vrije spreidt zich voor ons uit in het heden, maar het stijgt ook op uit onszelf, uit een leegte in de grond van de ziel die aan denken en willen voorafgaat. Het vrije van de ziel is gelegen in een ontvankelijkheid, die onafhankelijk is binnen haar eenheid met de oorsprong, die haar, met Meister Eckhart gesproken, innerlijk verwijdt en omvangt.
In zijn wijsgerig onderzoek werkt Visser aan een trilogie over het thema 'gelatenheid', waarvan een eerste deel, Gelatenheid. Gemoed en hart bij Meister Eckhart, is verschenen.
Smedes besluit zijn recensie met “Originele filosofie van bijzonder hoog niveau en met een hoog literair gehalte, vol prachtige maar ook abstracte zinnen. Een aanrader, maar ofschoon het een dun boekje is, is het tevens erg moeilijk en alleen toegankelijk voor degene die de analyse van Visser van begin tot eind wil volgen”.

Ook Herman Oevermans, directeur van Academie Mens en Organisatie aan de Christelijke Hogeschool Ede, schreef een recensie voor het blad Wapenveld onder de titel Om het open midden.

Daaruit deze citaten.

Wat is voor Visser de kostbaarste gebeurtenis van het leven?

De transformatie van zelfzuchtige in onbaatzuchtige liefde, van amor in caritas.

Visser heeft een fascinerende tocht afgelegd de afgelopen dertig jaar. In het Nederlandse taalgebied vrijwel alleen. Zijn programma nog eenmaal samenvattend in zijn eigen –recente– woorden: ‘Staat eenmaal niet meer het bewustzijn centraal, met zijn voorstellingen, maar het geheel van het historische leven, dan dient zich als belangenbehartiger van het leven de beleving aan, ofwel de onmiddellijke levende ervaring, die geen abstractie duldt, die elk begrip, tot en met dat van de beleving zelf tegen het licht houdt. Dat vraagt om een radicale fenomenologie van het leven’. Die fenomenologie van het leven vindt plaats in een tijdperk dat steeds instrumenteler trekken krijgt.
De leegte die daarvan het gevolg is manifesteert zich eveneens. Visser beschouwt zijn denken als een voorbereiding van een toekomstige spiritualiteit die belangrijke voorwaarden kent als de ‘rehabilitatie van sensibiliteit en individualiteit en als hoofdvoorwaarde, een geloofswaarheid die niets en niemand demoniseert’.
Filosofie moet niet vervallen tot wetenschapsfilosofie, maar haar geheel eigen taak op zich nemen ‘en die begrijpen als bezinning op de zin van de ondoorgrondelijkheid in het hart van het zijn’. Al komt de innigste positie toe aan de religie, nog altijd, ‘maar dan een religie die het open midden niet met autoritaire en dogmatische stellingen bezet, maar met haar onaanzienlijkheid en stilte openhoudt, opdat het zich als de bron van liefde kan openbaren die het altijd is’.

Gelatenheid

Eerder schreef Oevermans in het artikel over ‘gelatenheid’ het volgende.
‘Heidegger mag dan de beleving als product zien van de geest van maakbaarheid die in onze technische wereld heerst, bij de filosofen en kunstenaars die haar als eerste tot maatstaf namen, staat de beleving niet in het teken van een opeisen, veeleer in het teken van een intact laten van het leven'. En juist voor dit intact laten en de dimensies die daarin te beluisteren zijn, blijkt gelatenheid een grondwoord. ‘Gelatenheid houdt bij Eckhart het ritme van een drievoudige beweging in: het loslaten van alle intenties, van het zelf willen bewerkstelligen, en het je overlaten aan een bezield verband, dat van zich uit de dingen laat zijn, dat wil zeggen opneemt in de stroom van de zelfmededeling Gods’.
Tot zover de recensies.

Gelassenheit

Gelatenheid (Duits: Gelassenheit) speelt een centrale rol in het werk van Meister Eckhart, een middeleeuwse Duitse filosoof en theoloog. Het begrip Gelassenheit verwijst naar een staat van overgave of acceptatie, waarin men zichzelf toestaat om te zijn zoals men is, zonder zich vast te klampen aan bepaalde verlangens of emoties.
Voor Meister Eckhart was Gelassenheit een belangrijk onderdeel van zijn spirituele leer. Hij geloofde dat door middel van Gelassenheit, individuen zichzelf konden openen voor de goddelijke aanwezigheid en zo een diepere spirituele verbinding konden ervaren. Volgens hem was Gelassenheit een manier om los te komen van het ego en de beperkingen van het menselijke denken, en zo ruimte te maken voor de goddelijke wil. Meister Eckhart beschouwde Gelassenheit als een staat van zijn die verder gaat dan alle dualiteiten en tegenstellingen, zoals goed en kwaad, hemel en hel, en God en mens. In plaats daarvan zag hij Gelassenheit als een manier om de waarheid en de goddelijke aanwezigheid te vinden in alle aspecten van het leven, ongeacht hoe ogenschijnlijk negatief of positief ze kunnen zijn.
In de werken van Meister Eckhart wordt Gelassenheit vaak geassocieerd met begrippen als "ontvankelijkheid", "leegte" en "stilte". Hij beschrijft het als een toestand waarin het individu zichzelf opent voor het goddelijke en zichzelf toestaat om te zijn zoals het is, zonder zich vast te klampen aan bepaalde verlangens of emoties.

In een recensie in Trouw kreeg Visser 5 sterren, de hoogste aanbeveling die een boek kan krijgen.
Maar na lezing van het boekje wil ik de oratie niet echt aanbevelen. Het is, zoals Smedes tussen de regels schrijft, gewoon te abstract.
Zo moeilijk hoeft het toch niet te worden beschreven dat aan een ander wat ruimte laten een basis schept voor constructief samenleven? Dat wijsheid een kwestie is van inzicht wanneer te doen (handelen) en wanneer te laten (niet-handelen)? Dat denken, voelen en intuïtie evenwaardig zijn en elkaar aanvullen? Dat we moeten oppassen om over elkaar te oordelen en dat de waarheid in het midden ligt?
Dat het ongrijpbare van vrijheid in deze aspecten begrijpelijk wordt?

Gerard Visser: Oorsprong en vrijheid (bol.com).

Voor wie op dit blog meer wil lezen over de relatie tussen vrijheid en liefde en over de balans tussen doen en laten klik hieronder op de labels.